Geruisloos gelukkig in Vrouwenpolder

Een goede vriendin schreef ons dat ze de jaarwisseling als bannelinge in Vrouwenpolder doorbracht. Vrouwenpolder, ik had er nog nooit van gehoord. Het moest zich ergens in Zeeland bevinden. Onze vriendin had zich eigener beweging met haar man geëvacueerd om, zoals ze mailde, aan de traditionele herrie en rotzooi van Oud en Nieuw in Amsterdam te ontsnappen. Keek er aanvankelijk vreemd van op. Maar Oudejaarsnacht was dat wel even anders. Vond dat Vrouwenpolder zo gek nog niet. Onze vriendin was een verstandige vrouw. Ellen had ik in bed veiligheidshalve de koptelefoon van de cd-speler opgezet. Voor de deur bij ons in het heus toch niet zo sprankelende De Meern leek het Oudejaarsnacht van twaalf tot bijna half drie wel Aleppo. De enkele vuurwerkafstekers zag ik staan in de mist waarvoor het KNMI al had gezorgd en bovendien in een rond scherm van eigen kruitdamp. Ik propte nog maar eens een oliebol naar binnen, bij Ellen en bij mezelf. Ondertussen zette Ellen bij elke mortieraanval grote ogen op. Ik probeerde er maar de vrolijkheid van in te zien, schoof bij mijn soulmate even de koptelefoon iets op zij, en gilde in haar linker oor dat de inauguratie van de grapjas Trump begonnen was. ‘Wat ben ik toch een leukie hè Ellen’. ‘Dat ben ik anders totaal vergeten’. Snedig antwoord, zulke reacties had ze wel meer met de feestdagen. Volgend jaar voor ons ook Vrouwenpolder of iets dergelijks als we het samen mogen beleven, overdacht ik. Of Vlissingen, zoals vorig jaar met vuurwerk dat vanaf zee werd afgestoken en als een waaier een zeldzaam mooi panorama bood. Een stilleven zowat. Vlissingen ja, niet wetende dat daar in de uren van het oorlogsfront bij ons in de straat een hele stoot auto’s in de brand werden gestoken. Bewakingscamera’s bleken tevoren onklaar gemaakt, de vrolijke feestvierders in de Vlissingse Bloemenbuurt droegen bivakmutsen. Kun je dus ook niet meer met Oud en Nieuw naartoe. Zei de winkelier in vers gebrande pinda’s vorig jaar niet dat we Oudjaarsdag voor vier uur ‘s middags langs moesten zijn geweest omdat hij daarna zijn zaak ging barricaderen? Deden er meer daar in die winkelstraat van Vlissingen. Ze sloten hun winkel, vluchtten naar huis, deden er de gordijnen dicht, telden hun geld en kropen in bed. Misschien ook wel met een koptelefoon van hun cd-speler ter trommelvliesbescherming. Eén van de verzorgenden van Ellen had deze Oud en Nieuw een meisje uit Turkije te logeren. Wat dat geknal allemaal te betekenen had, vroeg het meisje verschrikt. Nee, dat deden ze bij haar thuis in Turkije niet. En hoeveel geld daar allemaal niet letterlijk mee in rook opging? De verzorgende probeerde het Turkse meisje uit te leggen dat wij die straatbombardementen altijd heel erg leuk vinden, zoals ook het in de fik steken van andermans auto. Wij vallen ook graag vol hooliganisme de hulpdiensten aan. Liefst met mombakkes. Alsof we uit ons reservaat zijn losgebroken. Ligt er zo’n hulpverlener kansloos op de grond, gaan we er met z’n allen omheen staan schoppen. En een orgasme bij het horen van de eerste sirene. Er zijn nog achtergebleven landen waar ze dat niet doen. Daar peuzelen ze om twaalf uur bij de overgang van het ene jaar naar het volgende twaalf druiven op en zwijgen ondertussen glimlachend en poëtisch tegelijk. We maakten het zelf jaren achtereen mee op Gran Canaria. Konden daar altijd hevig verlangen naar de mist, de kruitdamp, de letselschade en de vernielingen in Nederland. Zouden zeker ook verlangd hebben naar Ard van der Steur als hij toen al veiligheidsminister was geweest. Hij nam het parmantig op voor de oproerpolitie, mobiele eenheid, mariniers, de brandweer en het ambulancepersoneel – voor allen zogezegd die met valhelm op Oudejaarsavond en – nacht moesten werken. Prompt kreeg hij van alle kanten de sneer dat hij wel zo ongeveer de laatste was van wie de hulpdiensten adhesie behoefden. Dit bleek later wel zo’n beetje het enige dat de Turkse logee wél begreep. Daar was geen groot politiek instinkt voor nodig. Heel voorzichtig vielen de woorden ‘ontgroening’, ‘corpsballen’ en ‘Minerva’. Had ze iets van meegekregen na de zomer van vorig jaar. En ook (de krant van eind december) dat het departement van Van der Steur miljoenen uitgaf aan zwemsessies en veranderestafettes, wat dat ook zijn mochten, om de zieke werkcultuur onder de ambtenaren weer een beetje gezond te krijgen. Zouden de vrouwelijke ambtenaren gescheiden van hun mannelijke collegae hebben gezwommen? Zou Van der Steur zich hebben beziggehouden met zwemkledingvoorschriften? Veiligheid en Justitie is een bij uitstek neoliberaal ministerie – het zwemmen uitgelopen op een badhokjesorgie ter verbetering van de departementale werksfeer? De hele wereld is van de kaart en wat doet ons veiligheidsdepartement? Dat zwemt. Wie was ook alweer de voorganger van deze bewindspersoon die de Kamer ook niet meer het vuur aan de schenen legde omdat ze al zoveel schroeiplekken vertoonden? Niet afdwalen maar. Met Ellen bladerde ik Nieuwjaarsnacht door de laatste NRC van 2016 vol hoop en vrees voor 2017, en door de Libelle die het ‘spoorloos-achtige’ verhaal van hoe Wietske haar schoolvriendinnetje Ellen na 62 jaar terugvond in een fraaie opmaak had opgenomen in de Kerstspecial. Miste Youp voor de Oudejaarsconference, maar werd gecompenseerd met zijn column in NRC over Heleen van Rooyen en haar nieuwe boek waarin ze uit haar oude doos klapt. Het hoofd op hol gebracht door een toyboy. We draaiden ze grijs, The New London Chorale, met Queen of Sheba, Guiding Star, het eveneens op Handel geïnspireerde Water Music, en Oliver’s Song – en we neurieden mee, allebei. Buiten werd over heel Nederland voor dertien miljoen schade aan particulier bezit toegebracht. Een miljoentje minder dan het jaar ervoor. Maar nog niet meegeteld de jolig vernielde bushokjes, besmeurde overheidsgebouwen en standbeeldsokkels, en plezant verruïneerde parkjes en plantsoenen. Hoorde op de radio een wetenschapper vertellen dat wij in Nederland inmiddels graag rellen om te rellen en daarvoor geen aanleiding nodig hebben. We zien graag de angst in de ogen van hulpverleners die op dat moment aan hun gezin thuis denken. Zelfs plezierige momenten doen ons rellen. Zoals Koningsdag, zoals de jaarwisseling. We worden landskampioen en we gaan de politie bekogelen. We wrikken de klinkers los. We leven ons uit. Maar wel met bivakmuts. Liefst zo anoniem mogelijk. Vanuit Vrouwenpolder geen nieuws. Het moet er daar heel saai aan toe zijn gegaan. Geruisloos een nieuw jaar ingeschoven, hè bah.  

Johan

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *