Natuurlijk Feyenoord tegen het doorliggen

De jongeman die namens de firma Vegro gisterochtend goedgemutst een gloednieuw matras tegen doorliggen voor Ellen afleverde, heette Stephamo.
Stephamo? Had hij zijn naam wel goed gespeld? Met een M? Niet met een N?
‘Ik zal het toch wel zelf het beste weten, meneer? Met een M.’
Dat was waar. De jongeman zag er niet als een onnozele uit. Eerder schrander. Straatwijs.
Stephamo kwam uit Rotterdam. Vertelde hij. Een Surinamer. Maar hoe lang woonde hij al niet in Nederland! – heel lang al.
Natuurlijk supporter van Feyenoord, opperde ik.
‘Uiteraard. Maar ik heb er ook heel lang zelf gevoetbald. De hele jeugd van Feyenoord heb ik doorlopen. Tot en met het hoogste jeugdteam. Mooie tuin heeft u trouwens, meneer.’
Moet ik hard in werken, vertelde ik de chauffeur. Zuid in Rotterdam, Afrikaanderbuurt? Opgegroeid met de blik op het openluchtmuseum De Kuip?
Waarom Stephamo met een M, als-ie zo goed kon voetballen, dan nu bij de Vegro chauffeur in verpleegartikelen?
‘Blessures, meneer. Ik moest ermee ophouden.’
Dat was zeker wel heel erg jammer?
‘Nou, u hoort mij niet zeggen dat ik stond te juichen. Maar het ging echt niet meer.’
Stephamo ritst het plastic van het nieuwe matras. Ondertussen help ik Ellen van het oude en til ik haar in de rolstoel.
Wat hij speelde? Welke positie?
‘Links voor, meneer, linksbuiten.’
Ik denk aan Coen Moulijn maar heb het over Boëtius.
Dus je was de concurrent van Boëtius?
‘Ik was beter als hem.’
Beter DAN HIJ? Maak dat de kat wijs.
‘Zeker weten, ik was beter als hem.’
Stephamo is zo gedecideerd dat ik hem geloof.
Of hij al het laatste nieuws van Feyenoord heeft meegekregen in de auto? Jones weg naar de zandbak en lange jurken van de Saudi’s. Het zal hier overigens weinig stof doen opwaaien.
‘Heb ik ook gehoord. Goed nieuws. Waardeloze keeper, meneer. Drollen keeper. Hij kon geen bal fatsoenlijk trappen. Ik hoop dat Bijlow een kans krijgt, en nog liever Vermeer.’
Zozo. En waarom dan wel Staphamo? Hij laat het oude matras vakkundig leeglopen om het te kunnen oprollen. Hij gaat er nog net niet op staan dansen.
‘Die twee kunnen mee voetballen. Met die twee kun je van achteruit een aanval opzetten. Jones trapte altijd maar in het wilde weg. Meestal naar een tegenstander. Of anders over de lijn. Maar altijd de verkeerde kant op. Hij moest de bal ook altijd eerst voor zijn goeie voet leggen.
Volgens mij had Jones geen goeie voet, zeg ik de chauffeur van de Vegro. Als Jones in beeld kwam besloeg hier altijd het scherm van de tv. Zelden hield ik het droog. 
Hij knikt. Hij wil een wegwerpgebaar maken, maar dat kan nu even niet. Want dan rolt het oude matras zich weer terug. Het moet zo strak mogelijk opgerold in de hoes.
‘Het is lullig dat Vermeer een paar keer langdurig de ziektewet in moest. Prima doelman. Alleen af en toe een raar foutje.’
Maar rare foutjes zo nu en dan horen toch ook bij spectaculaire keepers?
Stephamo heeft het nieuwe luchtkussen op het juiste gewicht gekregen. Hij controleert alles nog even. Hij kijkt erbij alsof hij aan een pianorecital wil beginnen.
‘Nou niet meer het hoofdgedeelte van het matras helemaal omhoog later komen hoor. Zegt u dat ook maar tegen de verzorging van uw vrouw. Niet meer doen. Daar kunnen die matrassen niet goed tegen. Hadden ze dat er niet bij gezegd? Je kan er storing door krijgen. Dat was bij u waarschijnlijk de oorzaak. Daarom ging dat alarm steeds af. Het motortje was de kluts kwijt.’
Hij vindt het ‘interessant’ dat ook Ellen en ik in Paramaribo zijn geweest.
‘Mooie stad! Daar is het ook warm hè, maar in Paramaribo hebben ze er nog een bui regen bij.’
Ja , zelf drie keer meer dan onder normale omstandigheden in Nederland; in elk geval niet zulke absurde als nu.
Ik vertel hem enkele keren te hebben meegemaakt dat Paramaribo finaal blank stond. Ik spreek het woord wolkbreuk uit alsof het iets erotisch is.
Of Stephamo een glaasje limonade belieft?
‘Liever een blikje voor onderweg. Zou dat kunnen?’
Nee, dat kan niet. We hebben geen blikjes in de koelkast. Stephamo loopt nog even voor de zekerheid een paar snoeren na.
Of-ie even een plasje mag doen. Nou vooruit. En Stephamo: daarna rijden we het bed weer zowat IN de tuin. Aan de Belgische kust kwam Ellen met een soortement rupsvoertuig tot IN de zee, dan moet ze hier thuis toch zeker ook wel tot IN de tuin kunnen komen met haar bed. De Surinaamse Rotterdammer kijkt alsof hij zeggen wil: jullie worden toch nooit zo bruin als ik. Maar doe je best.
‘U heeft nu een matras zonder motor en zonder alarm. Kan ook niet elk moment het alarm af gaan. Dat is het voordeel van een matras zonder alarm. Zonder alarm geen alarm.’
Schrander opgemerkt. Hij moet er ook zelf om lachen. ‘Dit matras hier is het allernieuwste van het nieuwste.’
Ik vraag hem voor de aardigheid eens naar de zaak te bellen, naar de Vegro in Capelle, naar Capelle aan den IJssel. Bel eens, zeg ik. Dan zijn alle medewerkers in gesprek, zo krijg je te horen. Het maakt niet uit op welk uur van de dag je belt. En in zestig seconden vertellen ze je zestig keer dat alle medewerkers in gesprek zijn. Waarschijnlijk bij de koffieautomaat. En als ze intern doorverbinden is er een muziekje dat je naar een zachte landing in het koel nat graf doet verlangen. Wie bij de Vegro de muziekkeuze doet, vraag ik de jongeman. Bellen met de Vegro brengt een mens dicht bij zelfmoord. Gelukkig bleek ene Vera bij de Vegro de reddende engel. Of hij Vera kent? Nee, Stephamo kent op kantoor geen Vera. Volgende keer vraag ik automatisch naar haar. Toen dat alarm voortdurend af  ging en ik nog geen Vera bij de Vegro kende, probeerde een andere chauffeur me ’s avonds laat te helpen. Vanuit zijn vrachtwagen. Hij was op weg naar Terneuzen. Kon niet meteen komen. Terneuzen? Dat klonk nog verder weg dan De Panne. De chauffeur was niet meer te verstaan toen hij bij Sas van Gent  die lange tunnel indook. En dat alarm hier maar gillen. Na een kwartiertje vult Stephamo de bon in. Formaliteit. 
Op teletekst verschijnt de bevestiging van het bericht dat Jones eindelijk is opgekrast. Per direct nog wel. Ook een opluchting voor boekhouder Van Geel en diens vrouw. Daar draaien ze niet om heen. Het scheelt een salaris, kraait het echtpaar. Met die uitspraak hebben de Van Geels ome Brad op het vliegtuig gezet naar een land waar ze dieven nog steeds een hand afhakken. Vraag het Bert van Marwijk en zijn schoonzoon. Bijlow en Vermeer: dat is voor komend seizoen bij Feyenoord dik voldoende. Terecht. Volkomen eens. Stephamo had geen zin om Jones op Zestienhoven te gaan uitzwaaien. Hoop dat het vliegtuig beter koers houdt dan Jones met zijn traptechniek. 
‘Weet u meneer, die Gio is geen goeie coach. Hij durft geen beslissingen te nemen. Het ligt allemaal aan Van Bronckhorst. Ik kan het weten.’
Hopelijk heeft hij net zoveel verstand van matrassen als van keepers, mijn Vegromaat uit Rotterdam!

Beste mijnheer Carbo, 

Bedankt voor ons fijne telefoongesprek. Het was inspirerend. Ik ben blij dat we kennis hebben mogen maken. Ik stuur u deze mail nog even ter bevestiging van onze afspraken. Ik stort u zo dadelijk 25 euro voor uw boek ‘Dankjewel voor je liefde’ + de verzendkosten. Op 29 november ontvangen wij u heel graag in Dendermonde voor ons symposium voor zorgprofessionals over Lewy Body dementie. Daarbij zal u een uur spreektijd krijgen van 13.00 uur tot 14.00 uur. U bent natuurlijk van harte welkom voor het hele symposium. In bijlage stuur ik u al de “save the date” die wij naar alle professionele zorgverleners uit de regio hebben verspreid. Van zodra het programma af is stuur ik u dat eerst ter nazicht door. 

Met vriendelijke groeten,

Leentje Vanderniepen,

Expertisecentrum Dementie Meander te Dendermonde/ België. 

 

Johan

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *