Tuin explodeert in alle mogelijke schakeringen paars

20190709_100920_HDR_resized

‘Prachtige foto van mevrouw Ellen’, schrijft Bruno van hotel Cajou in De Panne per omgaande. ‘We zien elkaar zeer binnenkort terug!’

Als een stilleven. Ellen in haar eigen schilderij. Rustgevend. Fotografie Diana. De drie andere foto’s (van de bloemenweelde in de voortuin) zijn van Elly. De tuin als een wezenlijk onderdeel van ons huis. En allang niet meer weg te denken. Misschien al wel ons epicentrum. Eigenlijk werd het huis in 1999 vooral ook vanwege de tuin gekocht. Geen overburen. Of het moet een stuk verderop de kinderpopvang zijn voor bijles en de trampoline. De tuin met de barbecue als permanentie. Ellen heeft er haar vaste plekjes. En anders de rolstoel tot vlak aan de schuifpui. De blauwspar in de achtertuin als zo’n beetje de heilige graal. Gekocht voor de eerste Kerst na enkele jaren verpleeghuis. Het leek de laatste Kerst te worden, maar werd dat niet. December 2016. De blauwspar herinnert aan oorverdovend vuurwerk als bevonden we ons in Syrië. Hij staat symbool voor veel. Hij pronkt te midden van een tapijt aan wilde roze geraniums. We leven inmiddels dinsdag 9 juli. Ruim 2,5 jaar verder. Nog even en dan met de rolstoel over de Zandweg langs de Leidsche Rijn met zijn bootjes naar de fysiotherapie. Het belangrijkste is dat afspraken en toezeggingen stipt worden nagekomen. En niet tweemaal worden verzet waarvan de eerste keer met een telefoontje na elf uur ’s avonds. Alsof er ik-weet-niet-wat aan de hand was. Twee keer verzet die afspraak en dan nog bijna een half uur te laat komen. Dat zorgt voor onrust. Tegelijkertijd een actieve lift met een waardeloze batterij en monteurs die aanvankelijk op zich laten wachten. Eerst weer moet de mantelzorger een hoge toon aanslaan. Een leverancier van nieuwe jaloezieën die een avond van tevoren afbelt omdat de jaloezieën er niet zijn en die achteloos vertelt dat hij dit al een paar dagen wist. Vergeten het eerder te melden. Waarom? Een schouderophalen. Dat voel je, dwars door de telefoon heen. Druk, druk, druk. En hogelijk verbaasd dat voor dit soort ongein geen begrip bestaat bij de klant. Aan die nieuwe jaloezieën voor de eerste verdieping hadden we verdomme onze mantelzorgsnipperdagen (mooi scrabblewoord) aangepast. Een mantelzorger intussen naast zijn blauwspar aan de dagelijkse vijftien druppels valeriaan. Waar het Kruidvat al niet goed voor is.  

Overbuurman Gijs kan het zich allemaal goed voorstellen. In de gemeente heeft hij al helemaal geen vertrouwen meer. ‘Mijn kliko begaf het na al die jaren. Belde ik de gemeente voor een nieuwe. Ik belde begin juli. Die nieuwe kliko zou de gemeente me op 7 oktober komen brengen. Ik vroeg die mevrouw van de gemeente waar ik al die drie maanden met mijn tuinafval naartoe moest. Dat wist ze niet.’ ‘Veel groentesoep eten deze zomer Gijs. Er zit procedureel natuurlijk voor de gemeente Utrecht een hoop werk aan vast, aan het leveren van een nieuwe vuilnisbak. jij onderschat dat.’ ‘Ja, schei maar uit. Maar drie manden wachten op een kliko!  Ik wilde van die ambtenaar weten of ik drie maanden reinigingskosten van de gemeente terugkreeg. Daar vroeg ik wat! Het mens had geen idee. Wat is er toch met de mensheid aan de hand tegenwoordig?!’   

 

IMG_9791

Als nieuw het huis. Even wennen als we komen aanrijden. De buitenboel weer strak in de verf. Het jarenlange pastel groen heeft plaatsgemaakt voor grijs met een overduidelijke marineblauwe gloed. Eigentijds. Streng bijna. Gedecideerd. Dát zeker. Alle vier de herenhuizen van de Zonzijde opnieuw voor jaren in dezelfde kleur. Eenheid in optreden naar buiten. Het ‘burencollectief’ was unaniem in kleurstelling. Het tastte ook weer diep in de buidel. Anderhalve week de schilders over de vloer. Het schilderen vond plaats met veel onderbrekingen vanwege de ene tropische regendouche na de andere. Onweer en windstoten. Codes geel, oranje en weet-ik-veel werden door het KNMI afgekondigd. En ondertussen explodeerde het groen in zowel de voor- als achtertuin. De paarsblauwe lavendelkleurige vlinderstruiken lijken op de nieuwe kleur van de kozijnen te zijn afgestemd. Ook de rest van de voortuin met hortensia’s en een heel tapijt aan wilde geraniums is ‘in harmonie’. De witte bollen aan de stoeprand voor het contrast. Achter de erehaag (ook de postbode wurmt zich er met plezier doorheen) de vaste plek voor Ellen. Om, na het gebruikelijke ritueel vanaf half negen, in de volksmond ook wel de wasbeurt, als extra ontbijt wat liters ochtendzon te pakken. De foto’s zijn van Elly Wolf met wie we de liefde voor tuinieren duidelijk gemeen hebben. Het is ook de gedeelde manie om geen enkele bloemist of geen enkel tuincentrum voorbij te kunnen zonder wel weer iets voor in de grond te hebben aangeschaft. Bijna jaloers hoorde Elly laatst het verhaal aan dat de plaatselijke bloemenwinkel zes potten van een behoorlijke diameter met lavendel en dahlia’s (volop in de knop) van de hand deed voor totaal 2.50 euro. Daar viel overheen te komen, over die 2,50 euro. De bloemenhandel ging met vakantie. Bij vergissing met zeven potplanten naar huis. Valt er in de tuin nog wat aarde te ontdekken? Nee. Elke vierkante centimeter is beplant. En op kleur. De tuin is een feest van april tot aan oktober toe. Ik begin de hovenier Ben van Zuilen steeds beter te begrijpen. Het wordt een verslaving. Dominant behalve de parmantige vlinderstruiken en de boeketten wijnrode floxen vanzelfsprekend natuurlijk de dennen en de sparren. Ze herinneren aan elke Kerst met Ellen sinds ze ziek werd. Er komt er elk jaar één bij in december. Die tuin is meer en meer uitgegroeid tot een dagelijkse hobby. Inbegrepen het rapen van ettelijke naaktslakken na een plensbui. Die witte eend op de vensterbank – ook daar zit een verhaal aan vast. Alweer zowat een eeuwigheid geleden tijdens het winkelen in de stad kwam Ellen bij V & D op Hoog Catharijne op de roltrap ten val. Niet opgelet dat de roltrap er al was en struikelen over de richel. Ze viel regelrecht met bebloede knieën op die eend af en mocht ‘m houden van het winkelmeisje om van de schrik te bekomen. Die was allang blij dat Ellen in haar val niet de hele stellage porselein omver had getrokken. De foto’s zijn van zondag 7 juli. Een doodgewone zondag. Weinig opwindends of het moet zijn dat twee huizen verderop de buurman boven aan zijn wastafel staat te prutsen waarvan het schroefdraad niet meer als schroefdraad functioneert. Zo’n zondag. Een stille zondag. Veel vakantiegangers om ons heen. Even het geluid van een grasmaaier iets verderop. We vermaken ons met ’14 Gemiste oproepen van Johan Cruijff’. Een schitterend onderhoudend en soms ook hilarisch boek met verzamelwerken van de vindingrijke auteur Michel van Egmond. Sublieme zinnen boetseert hij op het toetsenbord van zijn pc. Beeldend geschreven. Met een vlijmscherp oog voor detail. De beste rechtsbuiten allertijden Garrincha uit Rio de Janeiro bijvoorbeeld. Een ongeletterde miljonair aan de bedelstaf. Een analfabeet van wie ineens een zoon opdook in Zweden. Lachen om die rare spits van Feyenoord ooit: de Nigeriaanse naaktloper Obiku. Met aan beide polsen een blinkend horloge zo groot als putdeksels. Losse verhalen met heel veel diepgang, de doorsnee sportjournalistiek vele kilometers voorbij. Over het diepere gevoelsleven na veel blessure leed van Willy Dullens uit Sittard. Ooit aangemerkt als een nog groter genie dan Johan Cruijff. Totdat in 1966 ene Van Ingen van Vitesse uit Arnhem per ongeluk op zijn knie ging staan. Nooit meer voetballen. Willy Dullens van Sittardia werd depressief en kapper. Probeer me voor te stellen wat het is om door een depressieve kapper geknipt te worden. Meeslepend ook het verhaal over Wout Holverda. Speelde ooit met Louis van Gaal en René van der Gijp bij Sparta. En Pim Doesburg en Dick Advocaat. Coach was de entertainer Barry Hughes uit Wales. Nu zit Wout Holverda thuis in zijn verwaarloosde portiekflat te Leiden de hele dag op de bank te roken en door zijn plakboeken te bladeren. Moest, toen Van Egmond hem interviewde, nog 55 worden en leed toen al aan alzheimer. Hij is in afwachting van een plekje in het verpleeghuis aan de overkant van zijn straat. In zijn portiekflat moet het één grote wanordelijke kolerezooi zijn. Het ene verhaal is nog dramatischer dan de andere, maar er valt ook met sommige heel veel te lachen. Zoals om de Hongaar Kiprich. En om Obiku. Die is van de spiegels. Veel spiegels. Obiku houdt van niemand zoveel als van Obiku. Die speelde op Cyprus zonder ooit geweten te hebben dat dit een eiland was. Dit is wel even andere sportjournalistiek dan de gebruikelijke oppervlakkige onnozelheid met vragen naar de bekende weg. Nooit geweten dat ene Van den Brink één van de allergrootste talenten uit de Ajax-opleiding was. Cor van den Brink met een streng gereformeerde achtergrond. Hij voetbalde ook op zondag want God kneep een oogje dicht. Hij verongelukte bij Noordwijkerhout. Sindsdien zwijgt zijn vader. Hij hoest alleen nog maar vanwege de nicotine. Nooit geweten dat tijdens de oorlog op 10 en 11 november 1944 50.000 Rotterdammers als dwangarbeiders vanuit De Kuip van Feyenoord op transport werden gezet door de Duitse vijand. Buit gemaakt tijdens razzia’s. Afgevoerd. Onder die 50.000 bevond zich de kleine Koossie. Hij kon heel goed voetballen en een mooie carrière lag in het verschiet. Maar die oorlog kostte hem het leven. Samen met zijn vader probeerde hij tijdens het transport te vluchten. Hij werd in Wezep bij Zwolle doodgeschoten. Zijn vader ook. Het ongewassen shirt met enkele moddervlekken van Koossie behoort tot de relikwieën in het stadion van Feyenoord, de kameradenclub die meer reden heeft om achterom te kijken dan vooruit. Koos van den Bosch, een scholier nog in 1944 met een vader die een bekende bokser was uit de Rotterdamse wijk Charlois. Zondag 7 juni. Een doodgewone zondag. Met ’14 Gemiste oproepen van Johan Cruijff’. Met een wandeling met Ellen door ons stadspark. Met een kort praatje over niemendalletjes hier en daar met bekenden. Met het aanhoudende besef van hoe ongrijpbaar die parkinson en Lewy Body wel niet zijn. Het willen uitschreeuwen maar hoe zinloos. Een doodgewone zondag. Met het snoeien van onder meer de bramenstruik helemaal achterin de tuin. Die is moeilijk in het gareel te houden. Een te verwijderen onding als-ie niet jaarlijks van die lekkere bramen afleverde. Dat lijkt ook deze zomer weer te gaan gebeuren. Vroeger zouden we dit pretentieloos noemen. Nou vooruit: een pretentieloze zondag tussen twee korte vakanties bij Vaals in. De afgelopen week stonden de gasten in ons hotel beneden bij de receptie in een lange rij om op voorgedrukte ansichtkaarten André Rieu met zijn verjaardag te feliciteren. De maestro musiceert weer in zijn Maastricht. Ook daarmee werd de Messias van de wals per briefkaart gelukgewenst. Zoals door de jonge vrouw die vertelde aan een saxofooncursus bezig te zijn. ‘Komt U ook naar ons afsluitende concert op de Markt in Kerkrade?’ Maar zondag 7 juli. Zo’n zondag waarover eigenlijk niks te schrijven valt. Om vijf uur ’s middags behoren we tot de 5,5 miljoen die naar de finale van damesvoetbal kijken. Na een penalty van de VAR is de lol eraf. Nou ja lol… Geen eerste plaats en niet de vrees voor gezonken boten in de Amsterdamse grachten. Geen dansende drinkebroers op andermans eigendommen. Was dat niet in 1988? Winnen van de moffen en daarna die wereldpegel in de kruising van Marco van Basten  tegen de Russen. Rinus Michels die langs de kant zijn ogen niet kon geloven en Nol de Ruiter die hem om de nek vloog. Opluchting bij veel Amsterdamse binnenstadbewoners thans. Wat is ze allemaal bespaard gebleven? In elk geval de schuilkelder. De zondag eindigt met een bizarre VPRO-televisiereportage van een Belgische verslaggeefster uit een plaatsje, meer een ingedeukt sardineblik, aan de rivier de Ganges in India. Naar dat overvolle onsamenhangende plaatsje met zijn nauwe verveloze straatjes komen dagelijks vanuit heel India honderden lijken gewikkeld in doeken, om er onder grote publieke belangstelling in de openbare ruimte verbrand te worden. Het strand is één groot crematorium. Een uitzondering wordt gemaakt voor kinderen en zwangere vrouwen. Hun stoffelijk overschot wordt in bootjes de Ganges op gevaren en daar te water gelaten. Je ziet dat de moedige Belgische reporter zich voortdurend aan iets moet vastklampen van ontsteltenis. Het kan niet waar zijn maar dat is het wel. Een vriendelijke tolk van 21, 22 legt uit wat de vrouw tussen al die mannen ziet en niet kan bevatten. Te macaber voor een westerling. Ze ziet het met eigen ogen. Ze waagt zich heel dichtbij. Zwerfhonden vechten om de botten. Heilige koeien kijken tevreden toe. Elk moment lijkt de Belgische verslaggeefster van haar stokje te gaan. Het lijkt wel alsof we de stank van de oever van de Ganges zich door de tv heen in de neusgaten boort. Het wordt tijd voor nog een laatste rondje tuin. 

IMG_9792

 

IMG_9796

Johan

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *