Nederlandse hond vlucht voor de illegale cobra naar de Ardennen – een eenvoudige oudejaarsvertelling

Vreselijk, riep ze wel driemaal. Vreselijk? Dat vuurwerk met de jaarwisseling natuurlijk, vreselijk was het geweest. Oorlog! Deze herrie van met plutonium gevulde atoombommen had ze in al die twintig jaar dat ze hier nu woonde nog niet eerder meegemaakt. Luister: je moet in Nederland ook niets verbieden, want dan speel je met vuur. Daar was ze nu zelf ook wel achter. Ze struikelde zowat in de vroege ochtend van 1 januari de huiskamer in. De kruitdamp hing nog aan haar nieuwe overjas. Een oudejaars wild west waar Simon Carmiggelt wel raad mee had geweten. Of toch niet? Hoe zou hij dit met zijn pen hebben aangepakt? Met melancholie? Maar hoe dan? En Wim Sonneveld en het Dorp? En de Franse piloot en schrijver Antoine de Saint-Exupéry? Zijn werk gaat over het wezenlijke. Liefde is volgens hem niet alleen elkaar diep in de ogen staren, maar ook samen dezelfde kant op kijken. Maar…. Kom tegenwoordig niet in elkaars vaarwater.

Misschien is Nederland tijdens een lockdown, cynisme, sarcasme, zeg het maar, nog wel het meest opwindend. Naar de huidige maatstaven. Nederlanders zijn het in elk geval zeker. Nederlanders vieren graag. Ze zijn intrinsiek recalcitrant. Ze kijken niet meer dezelfde kant op. Ze gaan met 650 goedgelovigen over Jezus Christus zitten zingen als vier het maximum is. Godsdienstvrijheid noemen ze dat. Een heel gezeglijk volkje. Of zoetjesaan de risee van Europa? Honden nemen inmiddels de benen. Ze vluchten de grens over. Amalia ook. Die niet voor het vuurwerk maar voor een vrijer. Duitsland is dichtbij. De Ardennen trouwens ook. Het oorlogsoffensief heeft zich via Luik en Maastricht naar het land van de Batavieren verplaatst.

Erg zeg, wat was dít erg. Ze struikelde niet over de drempel maar over haar woorden. Maar eerst even naar Ellen. De oudejaarsavond was toch al zo vreselijk begonnen. Naar haar zoon, schoondochter en haar kleinzoon toe was in de Skoda ineens een waarschuwingslampje treiterig gaan branden. Moest de olie zijn. Wat nu? Had ze onderweg haar zoon gebeld. Die vroeg naar de kleur, de kleur van het waarschuwingslampje. Oranje. Niet rood? Nee, dat zei ze toch, oranje. Dan kon ze nog wel even verder rijden, maar niet te ver. Wat was dat nou weer! Niet te ver, maar wat was niet te ver?! Toch maar even naar een benzinepomp. Ze noemde een naam van die pomp. Blokhoeve of zoiets. Die benzinepomp wilde net gaan sluiten. Oudejaarsavond immers, vroeg dicht. De mevrouw in de cabine achter plexiglas wees naar een flacon in het rek. Die moest ze nemen. Het betere spul. Bleek ze een paar euro tekort te komen. Ze had alleen maar een handje los geld bij zich. Ze had haar bankpas voor alle veiligheid thuis gelaten. Of ze toch niet die olie mee kon krijgen, dan zou ze haar identiteitsbewijs of anders het pasje van haar zorgverzekeraar wel voor een avond afgeven. Ze wilde zich graag legitimeren. De mevrouw van de benzinepomp had haar vanachter het plexiglasruitje heel lang heel onderzoekend aangekeken. Alsof ze het niet vertrouwde. Wie kwam er nu met Oudjaar geld tekort! Ze kreeg de olie mee en het geld dat ze te weinig bij zich had dat kwam in het nieuwe jaar wel. Nederlanders zijn heus de beroerd-sten niet. Ze schoppen en slaan agenten het ziekenhuis in en belemmeren hulpdiensten bij hun werk, maar voor het overige. Het ging om vier euro of zoiets. Nee minder nog. Ondertussen ging rond het in nevel gehulde tankstation voor vele honderden, zo niet duizenden euro’s aan illegaal Belgisch en Bengaals vuurwerk de Nederlandse lockdown lucht in. Hoeveel olie kon je daar wel niet voor kopen, bedacht ze.

Stond ze buiten bij haar auto met die olie, en wilde ze bijvullen, kreeg ze de dop niet los. Die zat veel te vast. Vroeg ze aan een meneer of die het raampje van zijn auto kon laten zakken zodat ze hem kon vragen even al zijn mannelijke kracht voor die dop te gebruiken. De lulhannes liet het raampje zakken maar kwam zijn auto niet uit. Hij zei geen verstand van auto’s te hebben en reed verder. Zou ze zelf nooit doen. Dan maar naar haar zoon, schoondochter en kleinzoon met het waarschuwingslampje op oranje. Bij hun flat een heel stel politieauto’s en de loeiende sirene van de brandweer. De hele oudejaarsdag al politie onderaan de flat. Maar wist ze niet dat in het beschaafde Nederland, met zijn aan het christendom en de VOC ontleende boreale normen en waarden waaraan menig ander land een puntje kan zuigen, ze wist niet dat het hier een goede gewoonte was geworden met Oud & Nieuw de auto van je buren in de fik te steken? Of van mensen een paar straten verder. Als het maar fikte. Er waren al een paar auto’s in vrolijke vlammen opgegaan. Sirenes? Voor Oud & Nieuw net als jarenlang Mieke Telkamp bij crematies. Of deze autochtoon, een woord uit een grijs verleden, in een paar zinnen kon uitleggen wat dit voor een traditie was? En onze president had het vuurwerk toch vanwege de zorg en de capaciteit in de ziekenhuizen verboden?

De president? Maar lieve schat, we hebben helemaal geen president. We zijn een monarchie. Ze bedoelde Rutte. O die! Hij werd oud ja. Ze had inmiddels wel door dat er niemand in Nederland was die naar die lieverd luisterde. Want Mark was het de volgende dag toch alweer vergeten wat hij had gezegd. Inderdaad, niemand die hem au sérieux nam, ook de koning niet. Die vooral niet. Die kon ook makkelijk zijn gang gaan want was toch nergens verantwoordelijk voor. Opperde dat die op oudejaarsavond misschien ook wel zélf obstinaat vuurwerk liep af te steken in één van de gezellige volksbuurten van Den Haag en misschien ook wel een zware illegale Belgische kanonskogel vol plutonium achteloos onder een geparkeerde auto had geslingerd. Dat zou toch niet?! Jawel hoor, hier was alles mogelijk. Vroeger ging het koningshuis nog vermomd de donkerte in, nu waarschijnlijk allang niet meer.’ Hoor je dat Ellen? Hoor je wat hij zegt?’ Iedereen in Nederland had maling aan Rutte ja, dat klopte wel. Ook de koning. Maar die ging toch niet als een kwajongen over straat met zijn broekzakken vol illegaal vuurwerk en een goedkope aansteker van de Aldi! Of ze nu snapte dat Annelies met een vriendin en die haar hond naar een afgelegen boshutje in de Ardennen was gevlucht. We konden er nu goede hoop op hebben dat die zenuwpees van een hond nog leefde. Dat snapte ze wel.

Vreselijk was het geweest met dat vuurwerk. En niemand die naar de regering luisterde. Volkomen maling aan de regering. Legde als autochtoon uit dat Nederland zo’n heerlijk land is dat als de regering iets zegt je precies het omgekeerde doet. Kom daar maar eens elders in de wereld om. Noord-Korea, grinnikte ze. Maar was het eigenlijk ook wel verstandig om de regering serieus te nemen? Het leek dat Ellen de conversatie volgde en leuk vond, aan haar lichaamstaal te zien. Eerst koffie, ook voor Ellen. Duizenden Nederlanders hadden uit verveling de trein of auto naar Antwerpen en andere Belgische steden genomen om er te shoppen en er een café in te duiken. De president had gezegd ‘doe dat nou niet’ en de volgende dag hadden zich bij die duizenden winkelende Nederlanders nog eens duizenden winkelende Nederlanders aangesloten. En die hadden op een Belgische straathoek ook maar even wat illegale bommen en granaten voor thuis gekocht, liefst het zwaarste van het zwaarste. Omdat de president dat verboden had. Onze met zijn baardje steeds meer op een filmacteur van Hollywood lijkende Hugo had de bevolking om geduld gevraagd en niet vlak over de grens in Duitsland een haastbooster te gaan halen. Ook niet voor de wintersport in Oostenrijk. De volgende dag zag het geannexeerde Aken zwart van de Nederlanders en waren de Duitsers in één klap door hun boosters heen.

Ze knikte. Ik suggereerde dat het kennelijk tijd werd voor een leider als de moeder van de vriendin van een goeie vriendin van ons uit het zuiden des lands. Hoezo? Die vriendin van een vriendin van ons was een wappie. Die kwam er met kerstmis niet in bij haar moeder. Tenzij die dochter zich vooraf liet testen. Daar was die dochter toe bereid. Maar ho even, zo makkelijk ging dat niet. Als de wappie zich met haar kindertjes bij haar ouderlijk huis zou melden voor het traditionele harmonische kerstdiner zou moeder hoogst persoonlijk aan de voordeur verschijnen en haar hand ophouden. Daar zou wappie dan het officiële certificaat van de coronatest in mogen leggen. En op de drempel van de voordeur zou moeder het entreebewijs voor de gezellige familiebijeenkomst en de viering van kerstmis aandachtig bestuderen en kijken naar de uitslag van de test. Ze zou wappie pas geloven als ze het zwart op wit zag. Zo bleek het naderhand ook echt gegaan te zijn met kerstmis. Een moeder met minder geheugenverlies dan onze huidige president.

Nog maar een kopje koffie. Door de oliebollen waren we heen, dus alleen maar koffie. Die moeder zou eigenlijk zo door kunnen voor het presidentschap in het anarchistische Nederland. Die zou aan de deur van het Catshuis staan en tegen de koning zeggen dat hij eerst al zijn schimmige jachtvergunningen maar eens moest tonen. En uitleggen hoe hij daaraan gekomen was. En het restje. Het wordt nog veel erger waarschuwde ik Diana. Natuurlijk neemt niemand de politiek in Nederland nog serieus. Ze luisterde. Kaag heeft ineens verstand van geld; die wordt minister van Financiën. Dat baantje heeft ze zichzelf cadeau gedaan. Rutte won de verkiezingen, zij de formatie. Kaag wil geschiedenis in als de eerste vrouwelijke minister op Financiën. Mag ze zelf beslissen. En omdat hij geen minister van Financiën meer kan blijven, wil Hoekstra zichzelf belonen met Buitenlandse Zaken, en dat voor iemand die nota bene al heel beroerd Nederlands spreekt. Voor het buitenland laat Nederland met Wopke de grandeur thuis. Een ministerschap en een partij leiden is te combineren, verzekert hij. Het is maar welke eisen je aan jezelf stelt.

Diana haalde maar eens goed adem. Ellen sloot haar ogen. Ze moest te lang op haar tweede koffie wachten. We luisterden naar From the underworld uit 1967. Bijna haar geboortejaar. Ze vond het een goed nummer. Koffie als motorolie voor een nieuwe dagdienst. Hoeveel diensten had ze inmiddels al gedraaid? Toch zeker wel 1200. Meer waarschijnlijk. Hugo heeft al zoveel ervaring met corona en de GGD opgedaan dat hij ongetwijfeld ook heel veel verstand heeft gekregen van bakstenen. Die heeft leren stapelen. Ze was een beetje van Hugo gaan houden. Het Museumplein ook. Wordt een mooie combi met zijn Limburgse partijgenoot van de bouwfederatie straks. Hoe heet die man ook alweer die met Rutte voor gedoogsteun van Wilders zorgde? Kom waarachtig niet meer op zijn naam. En wist zij veel. Op Justitie & Veiligheid komt een mevrouw die geen juriste is en dat lijkt toch een eerste vereiste. Maar in Nederland niet, één van de weinige landen ter wereld zonder een ME, en dat al helemaal niet met de jaarwisseling als iedereen zich keurig aan de regels houdt, tot op het Museumplein toe. De nieuwe minister op Justitie & Veiligheid was een vaak en graag geziene gast bij de meisjes van Goede Morgen Nederland, de etalage voor de kritische journalistiek in ons land. Het kappershoofd Marnix van Rij werd natuurlijk ook niet vergeten. Ook de interim-partijvoorzitter van het CDA kreeg een eindejaarsuitkering: staatssecretaris ergens. Waar blijft de zijspan Ankie Broekers-Knol van de migranten, vroegen we ons af. Een liberaal rusthuis in de duinen achter Haarlem leek ons.

Weer viel het woord vreselijk. Ze zou de APK keuring van haar Skoda naar voren zien te halen vanwege het oliepeil. En een bloemetje voor die mevrouw van het tankstation achter dat ruitje die haar oudejaarsavond vlak voor sluitingstijd de motorolie had meegegeven. Hoe zou Ferd Grapperhaus zijn ministerschap ervaren hebben, vroegen we ons bovendien af. Waarschijnlijk als een ongelofelijk spannend jongensboek. Klopte het nou dat volgens de autoriteiten de jaarwisseling rustig was verlopen? Ja dat klopte wel zo ongeveer. Niet alle cijfers waren nog binnen, sommige districten liepen wat achter, maar de teller stond op slechts tachtig ernstige tot zeer ernstige gewonden rond de jaarwisseling. En maar één dode, een jongen van 12 uit Haaksbergen. Viel mee dus. De zware gewonden misten een arm, een hand of een voet. Daar heb je er meestal twee van. Ook niet echt iets om opgewonden over te raken. Er waren cobra’s in omloop geweest. Zo schijnen die krengen te heten. Cobra’s. In het christelijke vissersdorp Katwijk aan Zee bijvoorbeeld. Traumahelikopters en spitsuur in het belangrijkste ziekenhuis van Leiden. Alle wintersportvakanties van de plastisch chirurgen zijn ingetrokken.

Vreselijk, klonk het tussen twee slokken koffie door. Welnee. Pas echt vreselijk was dat de net achttien geworden Amalia misschien al dit jaar ging trouwen, het stond er echt in het pulpblaadje dat op internet werd aangehaald, en dat ze valt op Duitse mannen omdat Duitse mannen veel liever en galanter zijn dan Nederlandse mannen of mannen van waar ook ter wereld. Hoe weet ze dat al zo jong? Dat kon ze nooit van haar overgrootmoeder Juliana hebben vernomen. Maar goed, Amalia valt op Duitse mannen. Een Duitse herder zogezegd. Kon het ook niet helpen maar moest denken aan de hond van de vriendin van Annelies die de jaarwisseling had overleefd in de Belgische Ardennen, ver weg van het offensief. We gaan toch geen nieuwe Bernhard krijgen? Daar hebben we het kabinet niet naar. In de verste verten niet. Het achtste kabinet Rutte met de prins-gemaal Wilhelm. Ze blijven Duits, de Oranjes. Vreselijk. Net zo vreselijk als al dat illegale vuurwerk. Cobra, onthoud die naam voor volgend jaar. Of GroenLinks en de Partij voor de Dieren moeten hun zin krijgen. Die komen met een motie om het vuurwerk, los van corona, voorgoed te verbieden. Voor de ziekenhuizen, voor het milieu ook. Het zal ze niet lukken. Nederland breekt niet graag met tradities van autobranden en een overbelasting van de Eerste Hulp. Te veel opportunisme ook in de Nederlandse politiek. Ook De Meern leek de afgelopen jaarwisseling te veranderen in één grote krater. Munitie voor een Kronkel. Hoe zou Simon Carmiggelt dit hebben aangepakt? We zijn de melancholie voorbij.

(Een OMT-lid liet in een nieuwjaarsboodschap weten dat het OMT het kabinet waarschijnlijk gaat adviseren nog even niet te versoepelen wegens de weer oplopende coronacijfers. De hongerige Nederlandse kwaliteitsjournalistiek natuurlijk meteen de straat op voor vlammende reacties. ‘Daar komen die lui van de regering dan nog wel achter.’ Journalistiek verworden tot een makkelijke bezigheid. En ja, kan niemand Ab Osterhaus eens adviseren een avondje gezellig thuis te blijven? Je kan de tv niet aanzetten of deze mediageile man springt je huiskamer in. Het schijnt dat zijn schone overhemden op een stapeltje op de achterbank van zijn auto liggen. Het verhaal gaat ook dat Ab in zijn auto in de parkeergarage van het Mediapark overnacht. Is hij op tijd bij de meisjes van Goede Morgen Nederland. Gijp had gelijk, een tijdje terug, mensen als Ab hebben zich jarenlang stierlijk lopen vervelen in hun laboratorium. De corona brengt vertier in hun leven).

Johan