Château Bélingard roept in Ellen de Heilsoldaat op – en het kabinet van de vale versleten spijkerbroek

Een klein eindejaarsfeestje. Een heel bescheiden fuifje. Waarom eigenlijk? Ja waarom? Maar waarom ook niet. Inderdaad, waarom ook niet. Nog steeds vrij van corona, we zijn er nog steeds doorheen gerold, we zien het vooral als mazzel hebben. Mag best even een beetje gevierd. Buiten is het stil en nevelig, een lege straat, koude sterren aan de hemel. Een aangeklede borrel. Met hamburgers van gemarineerd lamsgehakt van de islamitische slager op Overvecht vlakbij het veld waar we vroeger met HMS honkbalden. Totaal veranderd dat winkelcentrumpje daar. Heel andere populatie, maar wat gezellig! Allemaal allochtonen die we tegenwoordig migranten noemen. Hamburgers van lamsgehakt en daarbij een salade. Vooraf exquise witte wijn Viognier in ranke glazen van Baron Philippe de Rothschild: de stoere Cadet d’Oc van 2019. En daarna het ‘presentje’ van Diana: de al even uitverkoren dessertwijn Château Bélingard Réserve Monbazillac uit 2014, Comte de Bosredon. Als iedereen weg is, en niemand het me kan ontraden, een kwart glaasje Château Bélingard Réserve voor Ellen. Ze tuit haar lippen verwachtingsvol. Ze nipt. Ze proeft. Ze slikt. ‘Hal-le-lu-ja’, jubelt ze, dat hoor ik toch verdraaid goed. Daar is ook geen woord Spaans bij. Halleluja! We gingen dikwijls voor minder, niet waar schat?! Nog een slokje van die goddelijke dessertwijn Ellen? Ze glundert. Ze knikt. Ze doet haar mond alvast open als een trechter. Gieten maar. Nee, niet zo inhalig, een teug hoor. Ze slikt. En? ‘Heerlijk’. Ellen, eigenlijk mag het niet zo vlak na je avondmedicijnen, maar we vertellen het gewoon aan niemand. Ik schrijf er ook niet over. Ze kijkt me strak aan. Ze gaapt en is vertrokken.

****

Lieve Jeannette en Marc,

(en met jullie ook de andere lieve vrienden en vriendinnen)

Dank voor jullie nieuwjaarsgroet met prachtige illustraties van eigen hand uit eigen atelier. Wensen ook jullie een goed, of tenminste beter, 2021 toe. Een jaar waarin we hopelijk iets, of liever nog meer dan iets, terugkrijgen van ons allen door Covid-19 zo radicaal geradbraakte sociale leven. In stil verlangen naar een bioscoop, een restaurantje en een boekwinkel zonder rolluiken. Niet bepaald in stil verlangen naar een voortzetting van bijvoorbeeld de baldadige autobranden in Veen, waar dat ook liggen mag. Raar dat de burgemeester uit zo’n gat daar geen greep op krijgt. Kan op internet Veen helemaal niet vinden. Hier opgeschrikt vorige week door de dood van een honkballer die ik uit Amerika liet overkomen en die een kameraad werd. Alzheimer. Corona de nekslag. Nog maar 63. Geen leeftijd om al boven te gaan zitten klaverjassen. Laten we nu maar gauw dat vaccin krijgen. Nee, niet het Russische. Weinig fijnzinnige naam. Spoetnik. Met dat vaccin word je als een kunstmatige satelliet met hoge koorts met een krankzinnige vaart in een baan om de aarde gejaagd. Laten we hopen, dat ook vooral, op een eerlijker verdeling van geld en goederen in onze gekapseisde maatschappij. Eerlijker verdeling ten gunste van de essentieel gebleken beroepen als de zorg en ten koste van de beroepen waarvan we al jaren weten dat ze minder essentieel zijn, of allesbehalve. Met bewondering en onmetelijke waardering zie ik dagelijks de zorgzusters van Ellen hier in het pikkedonker de straat in rijden en besef dan telkens weer dat ik zonder hun liefdevolle handen en grandioze instelling nooit deze foto aan het einde van 2020 had kunnen meesturen. Diana die op een decemberzondagmiddag met Ellen een autorit ging maken om haar kroongetuige te laten zijn van haar pas gekochte huisje met tuin voor en achter in Nieuwegein. Het wonder van 2020 is eigenlijk ook dat Ellen af en toe weer praat. Heel moeizaam, een heel klein beetje maar, gefronst voorhoofd, en denkend hoe dat allemaal ook al weer ging. Maar toch. Kleine woordjes met een gezicht dat op guitig staat. Wat liefdevolle verzorging al niet vermag! Het wonder van 2020 dat we morgenavond om halfelf vieren met Youp die hopelijk de toeslagenaffaire, de bestuurlijke slappe knieën en schijnheiligheid, en de familiepoppenkast van het ‘zeker niet onfeilbare’ karikaturale, belastingvrije en zwaar gesubsidieerde toneelgezelschap der Oranjes niet buiten beschouwing zal laten. Hoorde Youp gisteren al een tipje van de sluier oplichten over zijn tiende en laatste oudejaarsconference. Hij spaart als ervaringsdeskundige niet de mafkezen die corona nog altijd wegwuiven zoals de kudde van dansleraar Engel die met potten en pannen op z’n Zuid-Amerikaans de toespraak van Rutte probeerde te verstoren. Met dit verschil dat de ingedeukte potten en pannen in Chili volgens mij de sociale achterstelling en lege maag symboliseerden. Heb het goed en hopelijk treffen we elkaar, al is het maar digitaal, weer gauw in een aanvaardbaarder of althans veel beter 2021. Al stemmen de ontwikkelingen in de ziekenhuizen en verpleeghuizen ons niet gerust. Maar we blijven optimistisch en positief! We genieten van de kleinste kleinigheid.

Liefs van Ellen en Johan.

We kunnen, bijna. Even de veiligheidsriem nog even controleren. De kennismaking met de nieuwe auto. Mooi eindejaar ook met de blaka bakra Johan Fretz (1985) en zijn boek ‘Onder de Paramariboom’. Herlas zijn kennismaking met Suriname als zoon van een Surinaamse moeder en een Nederlandse vader. Schitterend geschreven met amusante dialogen, rake waarnemingen en typeringen, en een geweldig geestige en soms geestelijk verdwaalde moeder Virginia. Zij was als tiener artistiek en lastig en werd op haar negentiende door haar oudere broers en zussen voor haar havodiploma naar de diepvrieskist De Klomp bij Veenendaal gestuurd. Daar is het gemakkelijk labiel worden, in De Klomp. Van die zich miskend voelende Surinaamse operettevrouw ga je als lezer al heel snel houden. Want ze is meer dan operette, veel meer zelfs. Vanuit haar opvoeding in een groot gezin bleef ze altijd de kleinste, maar ze had meer in huis dan menig ander. Ze bloeit op eenmaal terug in Paramaribo. Ontroerend boek ook over identiteit. Halfbloed? Nee, dubbelbloed. Een aanrader het boek. Het leven krijgt gelukkig weer zijn normale gang.
****
De badslippers ontbraken nog
Ongekend onrecht. Je zou daarvan maar beschuldigd worden en als medeplichtige langs de cameralenzen moeten. Dat doe je dan op z’n vrije tijds mogelijk. Op zondag 4 januari enkele beelden in het 8 uur Journaal van het ingelaste Catshuisoverleg van kabinetsleden over ongekend onrecht, de duizenden zware ongelukken veroorzakende heksenjacht, de gruwelaffaire rond de toeslagen. Gezien? De bedremmelde hoofdrolspelers die onschuldige burgers in het ravijn smeten, ze zullen het allemaal in hun zondagse biecht wel serieus hebben gedoeld, maar ze maakten in elk geval geen serieus plaatje. Daar had een mediatrainer of een spindoctor of weet ik veel moeten ingrijpen. Ongekend onrecht. Het was in het kabinet vooral de strijd om wie er in de meest versleten en vale spijkerbroek zijn opwachting ging maken. Wie kwam het meest nadrukkelijk in vrijetijdskledij zo achter de grasmaaier of uit het timmerhok vandaan. Wiebes deed een serieuze gooi naar de hoofdprijs. Was zelfs op zo casual mogelijke gympies komen aanlopen. Kun je hard mee rennen, en wegrennen. Maar ook Rutte kwam dichtbij. De jeans van Hoekstra leek van een afstand nog redelijk nieuw, niet tot op de laatste draad versleten tenminste. Zijn spijkerbroek was ook nog enigszins op kleur. Ongekend onrecht. Je zal maar medeplichtig zijn. De heren leken op weg naar hun stamkroeg voor borrelpraat met de benen op tafel. Benieuwd of hun slachtoffers, als brutale dieven en oplichters weggezet, smerige fraudeurs voor de politieke en ambtelijke elite in Den Haag, reuze benieuwd of de slachtoffers de campinggarderobe van het clubje partijhalzen, die allang demissionair hadden moeten zijn, konden waarderen. Het is weer een nieuwe trend. Voor op zondagmiddag naar het Catshuis trek je het oudste van het oudste thuis uit de linnenkast. Je propt je beleidsstukken in een onooglijk rugzakje. Gezien? Daar zitten waarschijnlijk ook twee sneetjes krentenbrood verpakt in cellofaan in. Altijd gedacht dat je je niet kleedde voor een bepaalde dag maar voor het onderwerp waar je die dag mee te maken kreeg. Welnu: nee, je kleedt je losjes om iets uit te stralen wat je domweg niet uitstraalt en ook niet kúnt uitstralen. Of wilden de heren het volk tonen dat ze deze zondagse visite aan het Catshuis niet voor honderd procent zouden declareren maar voor aanzienlijk minder of helemaal niet? Dit in het Catshuis stond feitelijk gelijk aan condoleancebezoek. En de overledene was door een ernstig misdrijf om het leven gekomen. Dat had de toon moeten zijn. Het was allemaal erg would be. Je kunt ook overdrijven met je toneelstuk dat je het allemaal onder controle hebt. Van de zomer komen de heren over de toeslagenaffaire natuurlijk naar het Catshuis in hun zwembroek met een opgerolde badhanddoek onder hun arm.

Johan