Van heel vroeger, onze honkbaltijd, melden ze zich om Ellen te knuffelen

Hans en Bernard, ouwe getrouwen,

Van de dansleraar Willem Engel begreep ik dat de uitspraak van het Hof over de avondklok het einde betekende van de rechtsorde in Nederland. Dat idee had ik ook al, precies een week eerder toen die malle voorzieningenrechter uit Den Haag ons land in één klap in een nog verdere chaos dompelde. Ik hoorde dat ze die voorzieningenrechter in een bootje hebben gezet en de Noordzee hebben opgestuurd, ze noemen het vervroegd pensioen en op naar meer vrije tijd. Benieuwd waar die voorzieningenrechter mettertijd aanspoelt. Ik vind dit alles het leukst voor Ferd Grapperhaus. Las over die man een kostelijk verhaal in de NRC van dit weekend. Zat met de krant in het zonnetje voor de deur van mijn gemoedelijke en gastvrije familiehotelletje in Zuid-Limburg. Tijdens het weekberaad van het kabinet maakt Rutte na zijn uitgebreide inleiding altijd een rondje langs de bewindspersonen. Hij begint vooraan links van hem en daar heeft Sander Dekker zijn vaste stoel. Waarom? Omdat Sander Dekker heel braaf de woorden van zijn premier en partijgenoot na echoot. Eenmaal bij de langdradige Hugo de Jonge blijkt dat bij de meeste bewindslieden hun blaas opspeelt of ze gaan ineens hun mails zitten checken. Daarna zou Ferd Grapperhaus met zijn reactie op Rutte en zijn verdere departementale bijzonderheden moeten komen, maar Grapperhaus heeft meer dan drie jaar nauwelijks iets kunnen zeggen. Hij kon niet bij de tafel en zijn microfoon. Zijn buik zat hem in de weg. Het stond er echt, in de krant. Sinds kort heeft Grapperhaus voor het kabinetsberaad een langere microfoon. Kijk, dat soort verhalen is smullen. Maar even nog terug naar het verschijnsel Willem Engel. Ons met pannendeksels lawaai makend paradepaardje in behoud van de democratie en democratische omgangsvormen en de democratische spelregels, laten we die laatste niet vergeten, vindt ook dat het Hof met de avondklok de mensenrechten in Nederland heeft vertrapt. Ik dacht eerder aan de grassprieten van het Vondelpark. Ik heb Amnesty nog niet gehoord. Waar ik het met Willem Engel wel over eens ben dat is dat wij van onze overheid en zijn instanties dingen normaal zijn gaan vinden die helemaal niet normaal zijn als je er goed over nadenkt. De gemeente Utrecht bijvoorbeeld verschaft me herhaaldelijk munitie. Wij zijn er voor de ambtenaren in plaats van andersom. Ambtenaren van wie een aantal sterk de indruk wekt achter zijn bureau te zitten mummificeren. Er lijkt geen donder betrokkenheid bij hun werk. Weerzinwekkende cultuur. Vanaf vrijdag 12.00 uur niet meer bereikbaar. Blijf maar lekker op Bali Hans! Je zit er beter dan hier. Hier adviseer ik Hugo de Jonge na de verkiezingen overschrijving aan te vragen van die christendemocratische huichelende griezels Wopke Hoekstra en Mona Keijzer naar de toch wel iets minder stinkende beerput VVD. De Jonge moet blijven in Rutte IV. Grapperhaus ook. Dat kan in zijn geval misschien via D66. En Chris van Dam van het personele riool CDA naar de PvdA. Om van daaruit straks minister van sociale zaken te worden. Rutte maakt tijdens het wekelijks kabinetsberaad steevast het rondje over links. Straks hopelijk ook in politiek inhoudelijke zin. Zonder Sander Dekker natuurlijk. Ik heb al gestemd. De envelop is dicht. Nu nog op de post. Gestemd op een vrouw met migratieachtergrond. Haar achternaam begint met een A. In haar partij werd de partijleider laatst vervangen. Ook zijn achternaam begint met een A. Ik ga voor de herkansing.

Van jou Hans, en ook van jou Bernard, heb ik aan mijn allerliefste Ellen de hartelijke honkbalgroeten overgebracht en ben daarbij niet vergeten haar namens jullie een knuffel te geven, zoals jullie mij verzochten. Ongelofelijk leuk, en al evenzo gewaardeerd, jullie bericht aan haar en aan mij. Voor alle duidelijkheid Bernard: Ellen heeft geen Alzheimer, maar het is anders, het is een zeer bijzondere en gecompliceerde vorm van dementie die uit parkinson is voortgekomen en die bijna een derde van de parkinsonpatiënten treft. Ellen kan nog verrassend goed uit de hoek komen, ze zit in wezen opgesloten in haar onwillige lichaam. Het zijn de spieren, het is de vermoeidheid. En ja jongen, ik heb alleen maar een simpele telefoon waarop ik kan bellen en gebeld kan worden. Meer niet. Heerlijk rustig. Niet de godganse dag getuur op een schermpje. Die telefoon wordt met kolen gestookt. Voor mij nog geen mijnsluiting van de Emma in Brunssum en in Heerlen en Kerkrade. Ik zat eens tijdens mantelzorgverlof in de kantine van een sauna in Limburg toen mijn telefoon ging. Ik diepte het ding op uit de zak van mijn badjas. Aan mijn tafeltje een professor van de universiteit van Keulen, net als ik aan een broodje gezond. Tegenover die Duitser excuseerde ik me dat ik met mijn telefoon niet met de tijd was meegegaan. De hoogleraar stak zijn hand in de zak van zijn badjas en haalde precies zo’n Middeleeuwse Nokio tevoorschijn. Ik bevond me in goed gezelschap.

Het ziektebeeld is bij Ellen heel wisselend. Momenteel gaat het wel weer wat beter na een paar dagen van zorg die mij opnieuw noopte met een kuur te beginnen. De bronchiën speelden weer eens op. Heeft onder meer met de slikproblemen te maken; en die weer met de door parkinson aangetaste spieren. De liefde overwint alles, zeggen ze wel eens. In elk geval is de liefde tussen Ellen en mij zo sterk dat we alweer elf jaar geleden samen de bokshandschoen oppakten in de strijd tegen de parkinson en dat we, door onze liefde, het gevecht weten vol te houden samen. Ze is zo dapper, mijn meisje, zóveel overlevingsdrang. Het is hier vooral ook een kwestie van zeer gedisciplineerd leven. Een vast ritme. En geduld, waarop je vroeger als journalist werd afgetest. Bernie Beckman, schreef jij Bernard – of ik hem kende. Ik herinner me een Bernie Beckman: een Canadees, een lefty, een pitcher, hij speelde voor Giants Diemen. Klopt dat een beetje?

De herinneringen aan het jeugdteam van HMS behoren met al zijn anekdotes tot de mooiste van de vele wapenfeiten uit de jaren dat het honkbal mijn leven voor een niet gering deel beheerste. Ik was sportverslaggever, schnabbelde links en rechts voor bladen, was mantelzorger van mijn manisch-depressieve moeder, studeerde aan de sociale academie in Driebergen, was manager van het eerste team van HMS en deed de jeugd er aanvankelijk nog even gemakshalve bij. Dat laatste omdat ik beloofd had voor de 11- en 12-jarigen een coach te vinden, maar toen ik daar bij herhaling aan werd herinnerd moest ik toegeven dat ik nog geen enkele keer op zoektocht was geweest. Voor mijn goeie fatsoen toen zelf wel als coach van de junioortjes aan de bak. De eerste wedstrijd uit tegen mijn oude club UVV verloren we met 26-2. Ik kwam die ochtend net uit de kroeg. Maar de vriendelijke en bedeesde junioren hadden mijn hart gestolen. Ze bleven enthousiast, ook toen het van 14-2 ineens 18-2 werd en daarna 22-2 en zo verder. Als het Lam Gods en de Slachtbank. Ik had niet eens mijn honkbalkleren bij me. Ik coachte in mijn regenjas en op cowboylaarzen. Maar kon niet vermoeden dat Ellen daar drie jaar later verliefd op zou gaan worden. Het zou me niets verbazen als ik toen onder de wedstrijd ook een sigaartje heb opgestoken. Ik was manager van het eerste en deed de junioren erbij, maar gaandeweg werd het andersom. Weet ook nog dat ik alle junioortjes aan het eind van die afslachting bij UVV hun petje liet afdoen. We stonden in een kring. Iedereen een andere pet. Alle kleuren van de regenboog. En was het nog maar een honkbalpet. Het waren mutsjes, theemutsjes. Daar liep je mee voor lul. De week erna hadden jullie allemaal, Bernard, een echte en op elkaar afgestemde honkbalpet van jullie ouders mogen kopen. Het was zó dankbaar werken met de jeugd. Het gaf zóveel energie. Een jaar later waren we de best geklede honkbalformatie van Midden-Nederland. We trainden met de junioren 2 x per week en in de vakanties 3 x. Tot wel half elf in de avond. Zomertijd. Ouders langs de lijn. Koelboxen mee. De familie Boose was van de hapjes en de drankjes. En met het volle niet te verwaarlozen gewicht van 100 + door een klapstoeltje zakken. Leve de koelbox. De familie Patist ook zo ongeveer. Jij Bernard gaf ondertussen in de kleedkamer seksuele voorlichting aan je ploeggenoten van 13 en 14 want jij was de eerste met verkering. Zat en stond de gehele parochie om je heen te luisteren. Dat ik ook in die kleedkamer rondscharrelde maakte niets uit, maar jouw wijze lessen aan je ploeggenootjes over seks stopten meteen zodra de voorzitter, jonger dan ik, even de kleedkamer binnenstapte. Een buitenstaander die voorzitter, en dat was ook de sfeer in ons team. Je hoorde erbij of je hoorde er niet bij. Jullie weten dat allebei. Ook jij Hans, mee naar Parma als extra trainer en Ellen als chef d’équipe, geen enkel team in Europa had zo’n mooie chef d’équipe als wij.

Na afloop van de training ‘s zomers zat ik vaak nog tot ver na middernacht op het terras van die ijssalon Roma aan de Norbruislaan op Zuilen. Daarna naar huis in IJsselstein en later Amstelveen om voor de krant een interview of iets dergelijks uit te werken. Schrijfmachine nog. Glas whisky ernaast. En vijf of zes Wilde Havana’s wegroken. Dat ik inmiddels de 70 heb gehaald, mag eigenlijk onvoorstelbaar heten, een wonder. En geen enkel medicijn voor wat dan ook. Afkloppen. Wat een tijden waren dat. En Ellen begon er ook steeds meer bij te horen. Zoals ook Joke van onze halve Antilliaan Alvin Williams en andere moeders. Theo Deuning moest voor straf van het honkballen af. Slecht rapport. Boze ouders. Ik smeekte die strenge ouders om Theo, in mijn ogen degene die werkelijk alles had voor een goede honkballer, zijn sport niet af te nemen. Het aanbod dat ik die gozer bijles zou gaan geven. Daar stemde zijn vader na veel vijven en zessen mee in. Gelukkig had ik nog niet zoveel hooi op mijn vork. Sliep vaak bij op een parkeerplaats in mijn tweedehands auto waarvan ik het oliepeil nog wel eens vergat. Allemaal dingen waar Ellen later een stokje voor stak. Bijles geven dus. Theo had daarna een even beroerd eindrapport als toen ik met bijles begon. Maar hij hoefde niet van honkbal af. Zijn ouders vonden mij daarvoor een te leuke kerel! Ook die ouders waren tot het honkbalgeloof bekeerd. En wat kon die Indische moeder van Theo lekker koken zeg! Ik stop. Volgende keer weer verder. Ga nu Ellen nogmaals van jullie een knuffel brengen. Ze komt net met verzorgende Trudy onder de douche vandaan.

Ontzettend leuk dat je ben gaan scheidsrechteren Bernard. Die foto’s, had nooit kunnen vermoeden dat je ooit nog umpire zou worden. En wat heb jij ongelofelijk veel werk gemaakt van je mail over vooral ook Jakarta, Hans. Ik wist soms niet wat ik las. Beste groet en ik kom nog eens in een blog op die jaren bij HMS verder terug, want er borrelt zóveel op,

Johan.

****

Hallo Johan en Ellen, met meteen een knuffel voor Ellen!

Eindelijk heb ik jullie te pakken. Dankzij een toevallig contact met Hans Walraven, en ook weer via Etienne Rijnbergen. Heb jullie gezocht op FB en social media maar niet kunnen vinden. Zo zie je maar weer: vanuit een onverwachte hoek. Ik heb gehoord van Ellen, heel triest en het doet mij weer terugdenken aan mijn pappie, zestien jaar dementie, in 1992 overleden, alweer zo lang geleden, maar toch. Ik heb jullie website bekeken, en door Hans werd ik gewezen op een mooi stukje waar jij over mij schrijft Johan. Het maakte me trots, alle herinneringen aan onze jeugdploeg van HMS onder jouw leiding Johan en met Ellen als teamleider, al die herinneringen borrelen weer op. Ik ga nu mijn achtste seizoen in als umpire voor de KNBSB, vorig seizoen mijn debuut in de hoofdklasse. Het volgende doel is international te worden. Nooit gedacht dat ik dit zou doen, maar na drie zware jaren is het de beste plek op het veld, als je niet meer kan spelen, het is een mooie aanvulling. Ik heb nog in diverse technische commissies gezeten, Alphians en Hoofddorp Pioniers, en later ben ik nog assistent-trainer geweest bij Rabbits Academy, samen met Bernie Beckman, wellicht dat je hem kent. Mijn zoon heeft tien jaar op jeugd-topsport gezeten en….als pitcher, net als ik bij jou Johan. Nu heeft hij zijn weg gevonden als personal trainer kracht & conditie in onze plaatselijke sportschool. Mogelijk dat hij nog wel eens een honkbalteam onder zijn hoede gaat nemen. Danu is ook een stille jongen, nog geslotener dan ik was, maar de kenner weet hem te raken. En dit Johan, dit herken ik o zo in jouw schrijven, en vroeger in jouw coachen, het iemand ráken.  Ik kan uren door schrijven nu ik jullie gevonden heb, maar ik hoop je (jullie) liever onder een genot van een bakkie Kopi Tubruk terug te zien en bij te kletsen. Wil je me beloven dat je Ellen een hele dikke knuffel van mij zult geven, want ik ga je bekennen: Ellen is mij altijd bijgebleven: hartelijk, spontaan , zó mooi, energiek. Net als toentertijd de moeder van Giovanni uit ons team, Joke. Ter afsluiting, #12 draag ik nog steeds, nog steeds hetzelfde rugnummer dat jij me bijna veertig jaar geleden gaf, nu ook op mijn scheidsrechter-mouw. 

Hopelijk tot snel. Groeten van Bernard Flohr.

Naschrift:

Erg leuk om weer contact te hebben. Ik heb het blog over ons honkbalteam, over mij en over mijn vader mijn jongste laten lezen, Carlijn, en ze vindt het ook zo mooi, in die paar regels voelde ze direct hoe haar opa pappie Flohr moest zijn geweest. Ze herkende ook mij – mijn karakter, weinig veranderd. Veel dank en laat ons afspreken.

****

Hallo Johan,

vanuit Bali, met allereerst een dikke zoen voor Ellen!

Hier een bericht van mij als reactie op je blog  ‘In zes minuten een wereldster voor hoop en energie’. Ik voel me vereerd dat je dit blog aan mij richt. Je stelt daarin heel wat onderwerpen aan de kaak. Als een rode draad de avondklokrellen van ‘onze jeugd’ die de toekomst heeft of beter: zou moeten hebben. Maar dat betwijfel ik ten zeerste met zulke doldrieste gasten. Een verschrikkelijke periode was dat, ook om daar vanaf Bali mee geconfronteerd te worden. Het greep mij heel erg aan. Ook ik schaamde mij als Nederlander. Door het tijdverschil van + 7 uur in de winter bereikt het meeste nieuws mij pas de volgende dag. Nederland glijdt steeds meer af. Verschrikkelijk om die plunderingen te zien en alle andere hoogst verwerpelijke acties. Ik wilde schrijven ‘baldadigheden’ maar met dat begrip sla je de plank volledig mis. Je schrijft ergens dat het inzetten van het leger niet de juiste actie zou zijn maar ik dacht er op een gegeven moment ook aan, mede omdat dat ook in de media werd geopperd. De ME had immers zijn handen meer dan vol en wist zich geen raad met de in aantal overheersende ‘criminelen’, die op bepaalde momenten alle kanten uiteenstoven en een spoor van vernieling aanrichtten.

Jij zei je af te vragen of dergelijke praktijken zouden passen in het vreedzame Hindoeïsme en Boeddhisme van Bali? Het antwoord is nee Johan, dat kan ik me niet voorstellen. Daar zijn de Balinezen te vredelievend en respectvol voor. En ze hebben momenteel wel iets anders aan hun hoofd. Reeds 1 jaar is de grens door de Covid-19 epidemie gesloten en komen er slechts mondjesmaat alleen Domestic toeristen naar het eiland. Daardoor worden de Balinezen, die voor het grootste deel afhankelijk zijn van het toerisme, economisch zwaar getroffen. Klanten bieden zich niet of nauwelijks meer aan bij restaurants, kleding- en souvenirshops. Taxi’s rijden niet of nauwelijks meer rond en de door 1 persoon vooruit geduwde voedselkarretjes verdwijnen ook uit het straatbeeld. De stranden blijven nagenoeg leeg zodat de strandkledingverkopers, massagedames en fruitverkopers ook werkloos toekijken. Veel bedrijfjes en hotels moesten voorgoed hun deuren sluiten. Het is armoe troef. Het is één en al ellende. Wij gaan nog wel eens ergens lunchen maar dan zijn er maar een paar bezoekers.

En momenteel is de actualiteit dat Indonesië wordt getroffen door hevige regenval, waardoor op diverse eilanden de bewoners opnieuw te kampen hebben met heftige overstromingen en aardverschuivingen. Ook Jakarta staat voor een aanzienlijk gedeelte onder water door de dagenlange regenval. Meer dan tweehonderd wijken zijn erdoor getroffen. En ook voor vandaag en morgen zijn de weersvoorspellingen voornamelijk hevige regenval. Naast de huidige regenval wordt er ook nog eens reeds jarenlang grondwater voor drinkwater onder Jakarta onttrokken waardoor de stad wegzakt. Op sommige plekken 10 tot 25 cm per jaar. Dus het is eigenlijk vechten tegen de bierkaai. Nederlanders hebben een deltaplan bedacht en de kosten daarvan zijn 50 miljard euro. Jakarta is er nog niet mee begonnen, wellicht door het prijskaartje dat eraan hangt, maar de tijd dringt.

Dagelijks worden we via de TV geconfronteerd met heftige beelden. Ongelooflijk eigenlijk. Vooral omdat slechts 10% van de aanwezige pompen in Jakarta functioneert door achterstallig onderhoud. Er zijn hier in dit tropische land zoals je weet twee seizoenen, een natte en droge. Het natte seizoen begint in september/oktober en eindigt in februari/maart. Dus zorg dan dat voorafgaand aan het regenseizoen alles in het werk is gesteld om de pompen te laten functioneren zodat ze kunnen doen waarvoor ze er zijn geplaatst, en stop met het onttrekken van het grondwater onder Jakarta, zou ik zeggen. Maar om de een of andere reden gebeurt dat dan niet met alle gevolgen van dien. Het zijn natuurlijk de lager gelegen gebieden waar voornamelijk de minderbedeelden wonen, die dan met de wateroverlast te maken hebben, want de welgestelden kunnen het zich permitteren om in de hoger gelegen gebieden een huis te kopen of te huren. De overstromingen hebben inmiddels aan meer dan 70 mensen het leven gekost. Door langdurige dagenlange regenval treden de rivieren buiten hun oevers en kunnen her en der de dijken de waterdruk niet aan. Het overtollige water steeg op sommige plaatsen tot meer dan 3 meter. Niet alleen Java maar ook bijvoorbeeld Zuid Kalimantan is zwaar getroffen. Mede door de intensieve houtkap van de afgelopen decennia is de impact van de overstromingen enorm. Door een overstroming in het Javaanse dorp Jenggot bij een batikfabriek werd het water rood doordat er verf van de fabriek in terecht kwam. In januari kleurde het water in een dorp ten zuiden van Jenggot groen.

Omdat in Jakarta en onmiddellijke omgeving 30 miljoen mensen wonen en de stad eigenlijk niet meer te redden is (vandaar wellicht de weigering om 50 miljard te investeren in een zinkende stad) wil Joko Widodo op Kalimantan (Indonesisch Borneo) een nieuwe hoofdstad realiseren. Maar dat stuit weer op protesten van een milieuorganisatie en van de bevolking waar de nieuwe hoofdstad wordt gerealiseerd. Dat zijn merendeels boeren, die leven van de opbrengst van mijnbouw (steenkool) en van rubber en palmolie en wonen in prachtige bossen rondom prachtige dorpen. Maar die dorpen moeten plaatsmaken voor een stad met minstens 1 miljoen inwoners. Aanvang van de bouw van deze stad is 2022 en in 2024 moeten de eerste nieuwe bewoners verhuizen. Doordat de huidige bewoners geen eigendomsrechten hebben van hun huizen en grond die ze bewerken hebben ze geen poot om op te staan. Voor hen en hun kinderen en kleinkinderen ligt er een uiterst onzekere toekomst in het verschiet. Onlangs heeft Nieuwsuur hier ook nog een reportage over gemaakt. Zo wordt het uit ca 17.000 eilanden bestaand land jaarlijks geteisterd door de ene na de andere natuurramp. Is het geen vulkaanuitbarsting, aardbeving of aardverschuiving dan wel weer een overstroming.

Ja Johan, wij bidden dagelijks om ontzien te worden van welke ramp dan ook, en tot nog toe is dat gelukt op 2 lichte bevingen na, die gelukkig geen gevolgen voor ons hadden omdat ze in de zee ten zuiden van Bali plaatsvonden. Hopelijk worden onze gebeden blijvend verhoord. We wonen op ca 500 meter van het strand op Noord Bali dus een tsunami, waardoor wij dan ook getroffen worden, is niet ondenkbeeldig. Deze risico’s zijn we ons bewust en we proberen zoveel mogelijk die angsten los te laten en te genieten van de prachtige flora en fauna van het eiland. Het is en blijft alleen jammer, nee, schandelijk, dat de bevolking zo slecht omgaat met de natuur. Allerlei troep, voornamelijk plastic, beland in de natuur en/of komt door het stromend water uit de bergen uiteindelijk in zee.

Vond deze blog geweldig om te lezen. Leerzaam ook en interessant. Gelachen om de passage over pa Flohr. Ik heb Bernard de groeten namens jou gedaan en je krijgt de hartelijke groeten retour en ik moest je veel sterkte toewensen. Hij vond de situatie waarin jullie verkeren triest. Ik heb hem een beetje over jullie geïnformeerd en hij kende Ellen nog als een energieke en moderne vrouw. Hij kwam vaak bij haar over de vloer in het huis in Overvecht. Hij vertelde ook dat zijn vader 15 jaar ziek was geweest en dementerend. Ik heb hem jouw site link gegeven en hij zou deze gaan bekijken. Ik heb hem geschreven dat jij het leuk vond te weten dat hij arbiter is geworden en dat je daar meer over zou willen weten. Wellicht informeert hij jou daarover.

Johan, ik laat het even hierbij. Wellicht dat ik later nog even terugkom op je prachtige blogs. En ik zal ook de blogs gaan lezen die je mij hebt aangeraden. Geef onze lieve Ellen weer 3 kusjes van mij en breng haar mijn groet over.

Hans Walraven.

Johan