Geen lakei en de bomen in Gasselte moesten eraan geloven

Lieve twee schreef ik de ouders en schoonouders ván deze week:

Op een zondagavond stond ik dromerig met Ellen aan de rand van een aardappelveld tussen Gasselte en Kostvlies. Het moet inmiddels bijna dertig jaar geleden zijn, zeker wel . We hadden tien jaar Rutte nog voor de boeg. En er bestond toen nog een grote volkspartij voor boeren, burgers en buitenlui die CDA heette. Een zwoele warme wind blies de gortdroge zwarte zandkorrels van het aardappelveld onze richting uit. Stof was het bijna. Geen mens verder te bekennen, geen enkel geluid. Slechts het heel zacht ruisen van het gebladerte van de metershoge eeuwenoude bomen. En die zandkorrels van het aardappelveld in ons gezicht. De krant, de basisschool Kaleidoscoop en Utrecht überhaupt waren heel ver weg. Ze deden er niet toe. Het aangenaam lege hoofd. De weidsheid. De schoonheid. Alleen de paardentram ontbrak nog met wat hoefgetrappel. En Wim Sonneveld. Ben ik ooit gelukkiger geweest dan op die zondagavond? Ik leerde er liefhebben. Van Drenthe. En het Groninger land leerde het me, iets verderop. Het Noorden maakte andere mensen van ons. De stress-lozen. In retrospectief. Beelden die over elkaar heen schuiven. Niets is blijvend, behalve in je hoofd. En in je hart. Binnenkort terug naar dat aardappelveld dat nu een golfbaan is.

Zeer bedankt voor jullie zo gastvrije mail. Wat een invitatie zeg! Heel erg fijn. Super! Top! Ik kom graag naar jullie in Mussel en Wedde en zal er zeker genieten van een gezamenlijke maaltijd en wandeling. En van jullie Groningse privépark met glazen huis. Ik zie er naar uit. Maar maak het voor jullie niet té druk hoor. Ik red me wel. Inderdaad, het wordt een bijzonder verblijf bij jullie. Even verderop, Stadskanaal voorbij, de grens met Drenthe over naar Gasselte hadden Ellen en ik in de jaren negentig een droomhuisje met rieten dak in de naaldbossen aan de rand van het stiltegebied Drouwenerzand. Daar zagen we de lammetjes geboren worden. Daar gingen we elk weekend met de twee katten Salvatore en Nicols, ieder in hun eigen kooitje, naartoe. Arriveerden we in de late namiddag op onze estate en had je die twee katten eens moeten zien op de achterbank. Ze snoven de dennengeur op en werden op slag dolenthousiast. Het hele weekend gingen ze achter de veldmuisjes aan en legden die op de deurmat alsof ze met elkaar een competitie deden. Wie bracht zogezegd de meeste thuis. En kreeg die twee katten maar weer eens te pakken en terug in hun kooi als we op zondagavond terug moesten naar Vleuten. Dat werd meer en meer ons werkadres. Ellen maakte lange dagen als onderwijskracht op het Kanaleneiland, en ik als chef van de buitenlandredactie van het Utrechts Nieuwsblad. De tijd van hoofdredacteur Max Snijders en zijn adjudanten Reinier van der Loo en Hans Goessens. Die laatste is niet oud geworden. Net de vijftig gepasseerd. Een klein jaar geleden stond ik plotseling in Amsterdam nabij het Gerechtsgebouw in een druilerige regentje aan zijn graf. Dat was schrikken, ook al wist ik dat hij al jaren niet meer leefde. Kanker.

Maar de katten dus. Salvatore was vernoemd, of hoe zeg je dat bij katten, naar onze bevriende honkballer Salvatore Varriale in Parma in Italië. Onze oogappel Nikkie dankte haar naam aan onze favoriete honkbalclub Nicols uit het Pim Mulierstadion in Haarlem. Ellen en ik hadden toentertijd nog het nodige met de honkbalsport, al was het een snel aflopende zaak. Er valt aan een wedstrijd voor steeds leger wordende tribunes geen lol te beleven, en als journalist geen eer te behalen. Ook in Gasselte wil ik, net als op het strand van De Panne, én op Bronbeek bij het monument ter nagedachtenis aan de jappenkampen voor vrouwen en jonge kinderen uit de Tweede Wereldoorlog in de Pacific, én in de kasteeltuin van Haarzuilens, onze feeërieke trouwlocatie destijds, ook daar bezijden het Drouwenerzand wil ik een beetje as van mijn onvergetelijke Ellen gaan strooien. In mijn eentje. De enige plek waar ik alleen heen ga. Naar de andere locaties in kleine groepjes, van wisselende samenstelling, maar met telkens wel steeds Diana, zij wél, als vaste factor. Drenthe was voor Ellen en mij misschien wel de meest bijzondere tijd van de bijna veertig jaar waarin ik me zo gelukkig voelde. Ellen en ik hadden dáár alle tijd voor elkaar. Het boshuisje was heel romantisch. Uren en uren werkten we op ons perceel. Tot het kappen van gevaarlijke bomen aan toe. Bomen waar het leven uit was. De drukke Randstad was ver weg. Voorheen nooit geweten dat het ’s avonds en ’s nachts zó stil kon zijn en zó donker. We verloren er het besef van tijd. En van moeten, almaar moeten. Die ervaring had ik ook de vorige keer bij jullie in Mussel. Ik sliep door tot ’s morgens tien. Toen belde ik naar huis en legde Diana nog de telefoon bij Ellen aan haar oor. Hoorde ik haar ademhaling. Nu is alles anders geworden. Ik leef vooral op mijn herinneringen. Niet dat ik het cultiveer, maar het is gewoon niet anders. Ook dit fraaie herfstige weertype is associatief. Misschien nog wel het meest van alle jaargetijden met zijn schakeringen.

Ik denk erover voor twee nachtjes te boeken bij jullie, jullie aanbod erg op prijs gesteld. We hebben zeker nog contact voor aanvang december, uiteraard. En ja, herinneringen, emoties. Afgelopen vrijdag beschikte ik over een nieuwe ronde eettafel met hartstikke mooie stoelen. Op tafel twee kandelaren. Brandende kaarsen. Roomwitte gordijnen dicht, als achtergrond. Een plaatje. Het emotioneerde me. Ineens moest ik huilen om Ellen. Die hoorde aan die nieuwe ronde rot tafel. Dat zijn van die momenten hè. Kaarsen uitgeblazen en boven de computer aangezet om op internet wat bij te lezen. Over alle ongein in de wereld. Ach ja. Over de poenige koning ook van wie een meerderheid in de Tweede Kamer nu eindelijk en terecht verlangt dat ie belasting gaat betalen. Het zal er niet van komen. Naar Qatar want de ene schending van mensenrechten is de andere niet. Handen schudden, bebloede handen. Vroeg naar bed gegaan, weg van die ronde tafel, en de volgende dag weer enigszins het mannetje. Weer met een smile door de supermarkt. Wees rijk met elkaar. Maar dat hoef ik jullie niet te zeggen. Ik heb er erg goed aan gedaan de Koerdisch-Syrische Helin op kamers te nemen. Ze is ongelofelijk sociaal. Ze is een gever, geen nemer. Ze brengt vrolijkheid. Ze zorgt voor reuring. ’s Morgens sta ik als een zeer met haar studie begane opa haar broodtrommeltje te vullen met een stukje fruit erbij. Ik moet er zelf om lachen. Onderweg naar Utrecht Centraal voor college aan de VU in Amsterdam lepelt ze naast me in de auto een schaaltje yoghurt leeg. Het bezorgt me weer een binnenpretje.

Gelukkig is relativeren niet mijn slechtste kant. In zelfrelativering ben ik bijkans nog beter. Eén stap verder brengt me tot een amusante lichte en te genezen vorm van zelfspot. Ach ja. Maar Ellen, mijn Ellen, wat mis ik haar. Wat mis ik haar warmte, haar kameraadschap, haar liefde. Wat laat ze een verschrikkelijke leegte achter. Maar dit is het leven. Ik wist vroeger dat ik rijk was, maar niet hoé onmetelijk rijk. Nogmaals heel veel dank voor jullie mail. Ik ga nu mijn Afghaanse ‘adoptie dochter’ Diana vergezellen naar een kantoor en daarna mijn Syrische ‘adoptie kleindochter’ Helin ophalen van het universiteitsfabrieksterrein in Utrecht. Scheelt het meisje de volgepropte stadsbus 28 tussen legio kletsnatte regenjassen en de nodige zwermen verkoudheidsbacillen. Het woord corona schrijf ik maar niet op. Morgen uit logeren bij vrienden in Leeuwarden – Wietske die zelfs nog de beide ouders van Ellen heeft gekend – en een week later weer eens naar alle bekenden in De Panne.

Tsja, Gasselte was een heel bijzondere tijd voor Ellen en mij. Op vrijdag begon ik ’s morgens al om zes uur op de redactie in Houten. Om half drie naar huis. Tenzij  vrijdagavond dienst, dan pas op zaterdag naar Drenthe. Dat was zo’n beetje één keer in de maand. Om half drie vrijdagmiddag naar huis betekende de katten ophalen. De weekendtas dan meestal al in de kofferbak. Met de katten naar het Kanaleneiland in Utrecht, om er op de Marco Pololaan Ellen op te halen van school. Kwam ze vrolijk zwaaiend aanlopen met vers brood van de Turkse bakker even verderop. Dat beeld is nu nog betekenisvoller dan destijds. Naar Drenthe een fractie voor de files uit. Langs Zwolle en Hoogeveen hogerop naar Assen. Twee uur rijden zo ongeveer. In Gasselte de absolute stilte en de rustgevende en zo inspiratievolle lucht of zweem van dennen en sparren. Drenthe een veilige haven. Die viel samen met mijn misschien wel mooiste tijd in de journalistiek en de meest beroerde. Die ook. Het vertrek van Max Snijders had er veel mee te maken. Het UN in handen van uitgeverij Wegener en alles werd anders. De mores. Ik voel weer de pijn van weleer.

Schrijven is mijn medicijn, dat merken jullie al. Met Wegener kwam er een nieuwe hoofdredacteur uit de provincie naar Houten en die speelde op de redactie alles en iedereen tegen elkaar uit. De gevestigde orde werd het leven zuur gemaakt. Ze kregen laatdunkend het etiket Snijderianen met NRC-kapsones. Het onderlinge wantrouwen op de redactie werd van bovenaf gevoed en groeide snel. Beginnelingen die in je artikel zaten te krassen, en het mocht, het moést. De één na de ander belandde in de ziektewet. De middelmaat regeerde. Drenthe later jaren negentig na alle hosanna op de buitenlandredactie met werkdagen van al gauw twaalf uur de functie van loslaten, het Utrechts Nieuwsblad loslaten. Drenthe de mooiste en ook beroerdste tijd uit mijn journalistieke jaren. Wegener en zijn zetbaas hieven de redacties buitenland en economie als zelfstandig op. Alleen de regio zou voor de abonnee nog tellen (en interessant zijn). Liefst alleen de eigen straat nog. Hoe dwaas konden leidinggevenden zijn. Wat een inschattingsfout. Ik heb er mijn hekel aan managers aan overgehouden. Hoe hersenloos. We zien het nu met Oekraïne maar het was destijds niet veel anders. We beleefden de jaren van de val van de Berlijnse Muur, de omvallende dominostenen in Oost-Europa als effect, de Balkanoorlog, de eerste Golfoorlog van de oude Bush tegen Saddam Hoessein, bedenk het maar. Het UN profiteerde van de eigen expertise die ze in huis had. Met inschatting van nieuws bijvoorbeeld en met afwegingen en keuzes en analyses. De kopij over buitenland en economie kwam daarna plots uitsluitend van een centraal Haags punt en de eigen expertise deed er niet meer toe. Een gestolen fiets uit een steegje bij de Dom werd ineens voorpaginanieuws. Afschuwelijk. Maar ook hoe ronduit afschuwelijk de omgang met de oudgedienden die een andere vorm van journalistiek voorstonden ter voorkoming ook van verlies van het lezerspubliek in de wijken met de Utrechtse intelligentsia.

Genoeg daarover. Er valt nog zoveel over te vertellen, maar toch. Het was traumatisch. Arme Ellen, je zat ineens opgescheept met een beroepsmatig verdrietige man. De journalistiek was immers een deel van mijn identiteit. Snijders was trots op zijn mensen, zijn opvolger minachtte ze uit eigen belang, die liet ze publiekelijk vallen om de autoriteiten te behagen. Anders dan zo kon hij niet tegen ze op. Op de redactie wist ik niet meer wie je wel en wie je niet vertrouwen kon. Er liepen klikspanen rond, spionnen van Wegener en zijn vazal de nieuwe hoofdredacteur. Met hoeveel zijn we wel niet, wij die op het hoogtepunt van hun carrière volkomen buiten hun schuld onthoofd werden en een trauma opliepen?! Ik kon thuis mijn verhaal nog kwijt, enkele bevriende collegae konden dat niet. Ik zaagde op onze 1,5 hectare bosgrond rond ons stulpje in Drenthe oude dode kerstbomen in mootjes. Ik vierde er mijn frustraties bot. Ellen had geduld met me. Ze begreep me. En wie nog meer? De hoofdredactie van het NOS-Journaal. Die kozen me uit 37 kandidaten voor de post van chef nieuwsdienst en verslaggeverij. Maar het werd niks. Het was een slangenkuil. En de hand ook in eigen boezem. Ik was nog lang niet over het verlies van mijn werk en status bij het UN heen. En televisie met voornamelijk hele korte itempjes was niks voor mij. Het veredelde huiskamerproject Rijn & Gouwe in Gouda bood verlossing. Terug bij een krant en de waardering die ik verdiende. De mensen in Gouda, misschien heb ik wel nooit zoveel van een redactie gehouden als van dat clubje van zes of zeven. Ze liepen zich het vuur uit hun sloffen, ook voor mij, zeer beslist ook voor hun coach. Drenthe en Groningen. De weekenden van Ellen en mij daar destijds. Gasselte en de gevoelige snaar. Ellen als mijn enige houvast in mijn hoogste professionele nood. Daarom ga ik met Ellen terug naar Gasselte. Ga ik Ellen in Gasselte gedenken. En juist in Gasselte doe ik dat alleen. 

Ha lieve Johan. Ik zie in jouw blogs ook jouw verdriet om het verlies en anderzijds de wil om weer wat leuks van het leven te maken. Zo mooi te lezen over het uitstrooien van de as van Ellen. Prachtig gedaan. Liefs. Nelly.

Eerbetoon aan Ellen in De Panne als een schilderij van Jacob van Ruysdael

Tenslotte in Hotel Cajou ook van de burgemeester van De Panne de vraag hoe wij een half jaar na haar dood de as-verstrooiing als eerbetoon en hymne aan Ellen ervaren hadden. De lange gestalte kwam met uitgestoken hand vanuit de ontbijtzaal van Cajou ook af op Diana en Helin. Twee heldinnen van me, zo stelde ik mijn reisgenoten aan de burgemeester voor. Hij vroeg naar hun achtergrond en liet zich informeren over hun betrokkenheid bij Ellen, hun ethos, en hun liefde voor haar vooral. Veel bleek hij al te weten, de burgemeester van De Panne die werd geflankeerd door hotelbaas Bruno die maar weer eens onze jarenlange vriendschap aanhaalde en onze vele bezoeken aan zijn hotel en aan De Panne. We wisten ons er ditmaal zelfs eregasten, vips. Wat werden we er in de watten gelegd!

Zaterdag 24 september, 17:00 uur: de vloedlijn, metershoge golven, pikdonkere wolkenpartijen, ze konden elk moment uiteen spatten zo leek, een schitterend panorama. Het luchtruim een schilderij van olieverf, het kon zo van Jacob van Ruysdael zijn, het brede strand van de meest zuidelijke badplaats van Belgisch Vlaanderen, Duinkerken in Frankrijk dichtbij, de plek met zo ontiegelijk veel herinneringen. Hoe ze daar op dat gloeiend hete strand van De Panne eens met een speciaal, door Diana geregeld, voertuig met rupsbanden van de reddingsbrigade door het zandstrand werd gemanoeuvreerd. Herinneringen mét Ellen en herinneringen áan haar. Met twee zeer dierbare mensen in De Panne. Met Diana, wie anders, en met natuurlijk ook Helin. En Ellen, Ellen zelf?, ze was erbij, zo voelden en beleefden we het voortdurend. Tegelijkertijd in Nederland bijval. Van (ex) schoondochter Geeta en haar gezin, en van andere zeer goede vrienden en vriendinnen, die als beloofd bij hun thuis om 17:00 uur 24 september een kaarsje voor Ellen aanstaken. Even later druk mail- en appverkeer met Nederland, en Hamburg, met de moeder van Diana, over hoe het was geweest. Welnu: mooi, eenvoudigweg mooi, eenvoudig mooi. Eng? Nee, voor nog geen meter eng.

Elk moment kon het gaan stortregenen, maar anders dan de rest van de zaterdag hielden we het droog. De as van de onvergetelijke Ellen werd door de golven van de Noordzee meegenomen, en het was goed. Ja werkelijk, het was goed zo. Het bleef onwezenlijk, heel onwezenlijk allemaal, maar toch. Na afloop van de as-verstrooiing een wandeling door de belangrijkste winkelstraat van De Panne, de Zeelaan, etalages kijken, een praatje bij onze vaste kledingzaak Hips, en later op de avond naar Belgisch-Franse culinaire gewoonte een vorstelijk bourgondisch diner met kabbeljauw in het gerieflijk volle restaurant van hotel Cajou. De warmtegloed. De bediening was er één met grandeur. ‘Op Ellen’, zeiden we tegen elkaar en we hieven het glas. Bij de koffie kwam de chef-kok van beneden langs voor een praatje en om speciaal Diana bij een weerzien na drie jaar te omhelzen.

‘Op Ellen’, zeiden we ook bij de koffie. Wij herinnerden ons een fantastische vrouw die had gevochten voor haar leven, maar die het uiteindelijk toch niet van parkinson had kunnen winnen. In november zal weer een gedeelte van de as van Ellen worden verstrooid. Dan, met een ander groepje, op Bronbeek in Arnhem bij het monument voor de slachtoffers en overlevenden van de jappenkampen voor vrouwen en kinderen in de Indische Archipel. Op het in de volle augustuszon wegbrandende gazon van Bronbeek werd (21/08) voor Ellen een minuut stilte gehouden, waarna het Wilhelmus klonk en de vlag gehesen werd. In de juiste volgorde van de driekleur, er werd ditmaal speciaal op gelet. Ellen bij de overleden overlevenden van de kampen dit jaar. Ze werd op Bronbeek herdacht. Wil was erbij en ook zij kreeg een brok in haar keel. In de aanloop naar de kerstdagen in december, met opnieuw een ander groepje, maar wel steeds Diana erbij, en met Wietske, de enige van ons die de ouders van Ellen nog heeft gekend, met een gedeelte van de as naar de tuin van het kasteel van Haarzuilens, erin ook, de plek van trouwen met Ellen, zo lang geleden alweer en nog steeds zo vers in het geheugen.

Voor een speciale video-opname in verband met haar inburgering en taal werd Helin naderhand óók en passant naar De Panne gevraagd. Ze was er voor het eerst. Ze was voor het eerst sinds haar vlucht vier jaar geleden uit Syrië naar Nederland buiten onze landsgrenzen. Voor het eerst in België. Helin, op de video: ‘Het was zó waardig. Ik was geen toerist in België, ik was er voor Ellen, van wie ik heel erg hield. Zo grappig in De Panne dat ze twee talen door elkaar heen spreken, Nederlands en Frans. Ik snap heel goed dat De Panne en Cajou voor Ellen speciaal waren. Zó lief en hartelijk iedereen. Het was een weekend om nooit meer te vergeten, en dat zal ik ook niet.’ En Diana tegen de burgemeester van De Panne: ‘Nog dagelijks denk ik aan Ellen. Er komt voor mij geen tweede Ellen.’

Het verhaal van de Panne 24-25 september 2022 in beeld. Het verhaal van een bijzondere zaterdag en zondag. Vroeg me tevoren af of ik het wel zou kunnen. Maar ik kon het. Op de golven van de zee. Onze gedachten gingen mee. Ze vergezelden de as.

Het gemis blijft. Er is een glans van het leven af en die glans keert nooit meer terug. Zolang geknokt en Ellen desalniettemin aan parkinson kwijtgeraakt. Verloren, zo voelt het echt. Een halfjaar geleden alweer, we beleven het als was het gisteren. Aan de zaterdagavond 30 april, toen ze in mijn armen stierf, kan niet met droge ogen worden teruggedacht. Het roept telkenmale zóveel emotie op. Zó beladen. Moet aan de vrijdag denken dat Ellen me heel bezorgd en vertederd kwam ophalen uit het Diaconessenhuis waar dokter Derks me aan mijn meniscus had geopereerd. Nooit meer aan teruggedacht maar nu wel. Ik was toen nog zo duidelijk iemands liefste. Ellen met een rolstoel voor mij aan mijn bed in wat ze geloof ik een uitslaapkamer noemen. Veel dank aan de mensen van hotel Cajou voor hun grandioze toegewijde gastvrijheid rond de as-verstrooiing en voor ook de ronde tafel die zondagochtend speciaal voor ons was gedekt. Met tafellinnen en alles d’r op en d’r aan. Decorum. Alles in stijl. Het mocht ons aan niets ontbreken. Dank ook Wil die ons bij terugkeer thuis opwachtte voor een bourgondisch glas rode wijn en een hapje. De foto’s vertellen het verhaal, de onstuimige zeegezichten die aan Jacob van Ruysdael doen denken, vermaard, die Haarlemmer van weleer, vanwege zijn landschappen en zeegezichten uit de zeventiende eeuw.

****

Hallo Johan!

Mooi en vooral ontroerend verhaal op je website. Met prachtige foto’s. Eigenlijk had ik gedacht dat jullie met een boot de zee op zouden gaan. En had Bruno de burgemeester uitgenodigd? Bruno was (of is) toch lid van de gemeenteraad? Ik had geen kaars in huis. Maar heb aan Ellen gedacht met een (brandend) waxinelichtje op tafel. Met ernaast de prachtige overlijdenskaart.

Groet,

Jan van Ewijk.

Emotioneel onder een topaasblauwe Friese hemel. Maar niet vanwege de kijkcijfers, nee dat zeker niet

En natuurlijk kwam de omroepwereld weer verkreukeld en emotioneel uit het weekend tevoorschijn. Je zou je emoties eens de baas zijn! Las dat de als ziekelijk omschreven Linda de Mol ergens emotioneel op had gereageerd. En ook haar dochter. De vrije val in het tranendal. Het had iets met Ilse DeLange te maken, en toch ook weer niet. En natuurlijk was ook Humberto Tan weer emotioneel zijn bed ingegaan, of zijn bed uitgekomen. De tegenvallende kijkcijfers. Eva Jinek emotioneel omdat haar kijkcijfers meevallen. Zandvoort was emotioneel, en ook het feestvarken zelf dat zo blij was een Nederlander te mogen zijn en emotioneel werd toen hij die woorden uitsprak. Dat zegt niet iedereen hem na tegenwoordig. Een emotionele coureur. Daar reageerde de prins met die bril van Pearle weer emotioneel op, en natuurlijk ook onze nationale waterlander Beau. Maxima was alleen in Amerika aangekomen, zonder WA. En niet zonder emotie. Het stond er toch echt. Was ze hem onderweg in het luchtruim verloren? Had ze hem naar Argentijns voorbeeld gevraagd ook eens boven zee uit een vliegtuig te springen? Maxima had er immers laatst een heerlijk gevoel aan overgehouden. Maxime Verhagen tastte met een roomboterzachte g emotioneel zijn geheugen af over de gaswinning in Groningen waar hele dorpen uit het lood hangen. Alle voetballers ruilden emotioneel hun oude club in voor een nieuwe omdat de miljoenen zo verdrietig maken. Worden we cynisch? Het ergste voor de mensheid moest nog komen: een dode Queen. Slaagde er afgelopen zaterdag in emotioneel niet achter te blijven bij al onze lokale wereldsterren.

Lees na Khaled Hosseini nu het schokkende en tegelijkertijd ook inspirerende levensverhaal van de Iraakse mensenactiviste Nadia Murad over haar vlucht uit handen van IS. Het boek van mijn huisgenote Helin te leen gekregen, en niet toevallig. Of ik het alsjeblieft wilde lezen, desnoods maar enkele hoofdstukken. ‘Ik zal de laatste zijn’, vertoont overeenkomsten met de verloren jeugd van de sinds enkele dagen volledig in Nederland ingeburgerde Syrische vluchtelinge Helin. Haar laatste examen inburgering zopas gehaald. Moed en veerkracht kenmerken de Koerdische meisjes die aan het monsterlijke godsdienstig verdwaasde IS wisten te ontkomen. Zoals ook Helin. Nadia Murad groeide op in Kocho, een dorpje in het noorden van Irak dat voornamelijk wordt bewoond door jezidi’s. Op 15 augustus 2014 voegde Islamitische Staat in Kocho een nieuw donkerzwart hoofdstuk vol rioollucht toe aan de genocide. Alle mannen en oudere vrouwen van Kocho werden geëxecuteerd. Nadia verloor in luttele minuten zes broertjes en haar moeder. De jonge vrouwen werden gespaard. Ze werden op markten verkocht als seksslavinnen. Een vrouw probeerde hangend aan een helikopter aan IS te ontkomen, ze sloeg ‘als een opengespatte meloen’ diep beneden op de rotsen te pletter. Na maanden van gevangenschap wist Nadia aan de bebaarde boevenbende van IS te ontsnappen. De vrouw die de Václav Havel Mensenrechtenprijs en de Sacharovprijs ontving, genomineerd is voor de Nobelprijs voor de Vrede en die voor de VN werkt, beschrijft in ‘Ik zal de laatste zijn’ de verschrikkingen die ze onderging. Wie dit leest mag zich verbazen over alle deels commercieel getinte huilpartijen van de vele schertsfiguren in onze westerse wereld. Wees, verkrachtingsslachtoffer, slaaf en vluchteling – het aangrijpende boek van het kaliber ‘De Vliegeraar’ en ‘Duizend Schitterende Zonnen’ was mee naar Leeuwarden.

Maakte er op een van zon doordesemde vroege-herfst-zaterdag een rondleiding en werd de Jacobijnerkerk binnengetrokken. De Jacobijnerkerk, ook wel De Grote Kerk, een Gotisch bouwwerk, tot stand gekomen tussen 1275 en 1320, op een compleet verstild stuk historische grond (joodse deportaties ook) in de Friese hoofdstad te midden van hofjes, de Jacobijner hofjes uiteraard, de voormalige joodse synagoge, het voormalige weeshuis, tuinen met buxus, eeuwenoude bomen, en architectuur. De stad op zijn mooist, zullen we maar zeggen. Ter rechter zijde in de kerk een tafel met daarachter twee dames in zomers mantelpakje. Naast hun tafel een andere tafel met daarop een groot tableau brandende waxinelichtjes. Bij de brandende waxinelichtjes een kaartje. Dat trok meteen mijn aandacht. De bezoekers van de Jacobijnerkerk van Leeuwarden werd gevraagd een waxinelichtje aan te steken voor Oekraïne en de vluchtelingen daarvandaan. Op mijn logeeradres nabij de Noordersingel van Leeuwarden lag ook mijn boek ‘De Vliegeraar’ van Khaled Hossseini en ik was net de apotheose voorbij bij het herlezen van deze hartverscheurende en niet meer uit de internationale bestseller lijsten weg te denken pageturner. Misschien gaf Khaled Hosseini me het zetje, zou zo maar kunnen. Net als Nadia Murad.

‘Dames, goede middag. Ik zie op dat bordje daar dat ik een waxinelichtje in deze Nederlands Hervormde Kerk kan opsteken voor Oekraïne. Maar mijn vraag: waar in deze kerk kan ik dat doen voor Afghanistan? En waar voor de Koerden in het noorden van Syrië en Irak?

Er valt een kerkelijke stilte. Devoot zoals een kerk devoot kan zijn.

De ene mevrouw: ‘ Daar zegt u zoiets. Dat weet ik niet. U overvalt ons ook een beetje met uw vraag. We zitten hier als vrijwilligers namens het kerkbestuur met folders en ansichtkaarten en ook niet meer dan dat.’

‘Maar u kent het briefje bij die waxinelichtjes? Oekraïne. Verder dan Oekraïne is er op onze planeet welbeschouwd geen leed voor de Nederlands Hervormde Kerk in Leeuwarden. Zijn we het overhaaste vertrek van de lafaard Biden uit Afghanistan vergeten nu ruim een jaar geleden? Wel eens gehoord van die vreselijke Ank Bijleveld die toen minister van Defensie was. Kaag, misschien wel eens van dat mispunt gehoord? Altijd is Kortjakje ziek en zo. Hoe hebben we de vrouwen en meisjes van Afghanistan zo verschrikkelijk in de steek kunnen laten, dames. Waar zijn de waxinelichtjes voor hun? En waar kan ik uw waxinelichtjes voor de Koerden vinden? Waar zijn de waxinelichtjes voor die jonge jezidi-vrouw uit het noorden van Irak die hoog in het luchtruim de buitenkant van een helikopter moest loslaten en als een uiteengespatte meloen op de rotsen te pletter viel? Kijken we in de kerk niet verder dan Oekraïne?’ We worden cynisch ja.

Weer die ene mevrouw: ‘Heus wel, het wereldleed houdt niet op bij Oekraïne. Voor mij in elk geval niet. En ook voor mijn vriendin niet. Ja toch?! Ik verbaas me over het verschil in vluchtelingen dat wij maken. Het ergert me dagelijks. Dat hoort niet. Ter Apel, ik raak ervan overstuur. Inderdaad, het is al zo ver gekomen dat Artsen Zonder Grenzen in ons land heeft ingegrepen. Om je dood te schamen. Wanhopige medemensen op de vlucht in de drek buiten ’s nachts. Maar alleen maar Oekraïne zal wel niet de bedoeling van de kerk zijn. Wij horen kaarsen te branden voor alle vluchtelingen uit oorlogsgebieden en vooral ook voor de achterblijvers.’

‘Ik ken van zeer nabij twee vrouwen die de slechtheid op zijn slechtst aan den lijve hebben ondervonden. Vanwege hun voel ik me hier geraakt. Oversekste terreurgroepen met godsdienstwaan. De vrouw van vijftig en de studente van 22 werken zich in Nederland het snot voor de ogen. Ondertussen verbouwt onze eigen verwende bevolking Rotterdam als er een avondklok wordt ingesteld. Klagen we steen en been over gesloten terrasjes omwille van onze eigen gezondheid. Kroketten die niet door mogen komen. Tegen een gedeeltelijke lockdown zijn onze hersencellen niet bestand. Ik geef les aan Oekraïners. Althans, dat was de bedoeling. Maar ze melden zich niet. Van mijn organisatie kreeg ik – ongelogen – te horen dat ze met vakantie zijn. Naar Kiev, of anders naar Malaga. Dat gun ik ze hoor, maar waarom leven wij van hype naar hype? Oekraïners hoeven niét in te burgeren – hoezo zij niet?! Leg het me uit. Waar is de veronderstelling op gebaseerd dat zij over een poosje wel weer teruggaan? Die oorlog van Poetin duurt voort tot het einde der tijden. Nergens gloort een oplossing. Dus ook inburgeren. De beelden vergeten van bibberende Afrikaanse Oekraïners die aan de grens met Polen door Poolse hulpverleners in de kou bleven staan? We hebben het over de EU. Wit ging voor. Waarom blijft ons medeleven beperkt tot onze blanke Europese achtertuin? We maken onderscheid tussen mensen, Europa en buiten Europa. Uw kerk doet er aan mee getuige dat rot briefje bij die waxinelichtjes.’

‘Meneer, u wilt dat het briefje met Oekraïne verdwijnt van de tafel daar? Ik kan dat met u meevoelen. Geen stemmig brandende waxinelichtjes voor Oekraïne alleen. Wij zijn het ook met u eens. Ja toch?’ Ze kijkt weer even naar schuin rechts waar haar vriendin instemmend staat te knikken. ‘Maar ik mag van de kerk het briefje niet weggooien. U vindt dat we het moeten verscheuren? Dat mag ik niet. En mijn vriendin evenmin. We krijgen dan last met het kerkbestuur. Maar als u het nu eens zelf verscheurt, dan geeft u de snippers aan ons, en doen wij die snippers in de prullenbak. En als er bezoekers komen die een waxinelichtje willen aansteken dan zeggen wij vanaf nu dat het voor alle oorlogsgebieden in de wereld is, voor alle mensen die onder oorlog de meest verschrikkelijke lijdensweg lijden en voor alle mensen die eraan wisten te ontsnappen. Verscheurt u het briefje maar en geef de snippers aan ons, we zijn het met u eens. Honderd procent meneer. Dat briefje hoort niet in deze kerk thuis.’

Een paar tellen later hoorden we van boven het Christian Müllerorgel uit 1727 en werden er handen geschud. Moest aan de latere generaties orthodoxe joodse bewoners rondom de kerk denken. Die laten bij het ingaan van de sabbat graag het licht aandoen door niet-gelovigen om zelf niet veel later ter verantwoording te hoeven worden geroepen. Moest aan Melle denken, de betreurde Melle uit Antwerpen, de wijk Berchem, de lange smalle straat, mijn zo flamboyante oud-collega die Alzheimer kreeg – zijn joodse buren leverden op vrijdagavond hun autosleutels bij hem in zodat hij hun wagen in de garage kon zetten. Daarna deed Melle op de overloop het licht voor zijn buren aan. Melle mocht dat. Hij had zich immers overal uitgeschreven. Behalve uit dat geweldige café op de Grote Markt van Antwerpen. Hoe heette dat ook al weer? Den Engel, als ik me niet vergis. Buiten een topaasblauwe hemel. Het Christian Müllerorgel van de Jacobijnerkerk speelde door en het maakte me emotioneel. Niet vanwege de kijkcijfers, niet vanwege de gaswinning, niet vanwege mijn kapotte wasmachine, niet vanwege de hoge kosten deze maand. Nee, niets van dat alles. Ik wist waarom.  

PS. In het Verenigd Koninkrijk een emotionele prinses Anne, zo lezen we, omdat ze naar de laatste wens van haar moeder een prominente rol heeft toebedeeld gekregen bij het officieel en ceremonieel (eerder poppenkast) rouwen om de dode Queen. De Britten maken er één langgerekte theatershow van en de media doen maar wat graag mee, ze spullen. Alsof er niet dagelijks duizenden mensen door oorlog om het leven komen. Alsof de vluchtelingenstromen niet blijven aanzwellen. Alsof miljoenen niet omkomen van de honger. Het Circustheater Elizabeth met aanstellerige Britten die naast afgoderij aan collectief geheugenverlies lijden, de dood van prinses Diana in herinnering roepend. Gênant eigenlijk, hoogst gênant, een vrouw badend in weelde die 96 mocht worden. loop de kinderafdeling van het Utrechtse revalidatiecentrum de Hoogstraat eens op. Gisteren een emotionele Willeke Alberti, volgens doorgaans welingelichte bronnen emotioneel vanwege de ziekte van een familielid en daarmee meteen naar de pers; vandaag de bejaarde zangeres weer emotioneel naar de showbizzpers maar nu vanwege het huwelijk van een kleinzoon. We blijven maar volschieten. Emotioneel: misschien tegenwoordig wel het meest gebruikte en misbruikte woord in de nieuwsvoorziening. Het toetsenbord raakt er vroegtijdig versleten van. Nadia Murad schudt waarschijnlijk haar hoofd om die hele soap. Ze zal de laatste zijn, vrij naar de titel van haar indrukwekkende en veel bewogen levensverhaal.


Zolang het de hond van Gordon goed gaat gaat het met heel Nederland goed, inclusief Ter Apel

Ook het ANP ging er niet aan voorbij. Nieuws van het kaliber Ter Apel, gaswinning, koopkracht en de oorlog in Oekraïne. Toto is ernstig ziek en wordt gelukkig liefdevol verpleegd in een duur ziekenhuis in Dubai. Duur? Een peperdure kliniek! Toto? Ja Toto, de hond van Gordon. Die is ten einde raad, Gordon. Die zit dag en nacht aan het bed van Toto, nou ja de mand dan. Maar Gordon was toch maar even naar het door hem zo gehate Nederland overgewipt om Shownieuws te woord te staan. Voor wat was Gordon eigenlijk even in Nederland, behalve Shownieuws dan, en week hij even van de zijde van Toto? Geen idee. Bij Toto denk je meteen aan Ter Apel in Groningen, de uithoek waar omwille van de aandeelhouders van de NAM hele dorpen uit het lood hangen.

Bij Toto, die suikerziekte blijkt te hebben, zie je de honderden fortuinlijke vluchtelingen voor je. De doorvoede kampeerders die aan de deur van het asielzoekerscentrum gezellig in Gods vrije natuur op een dor grasveldje bij elkaar zitten met een gitaar en een kampvuurtje en die intens profiteren van de klimaatverandering in de wereld. ’s Nachts nog altijd meer dan twintig graden. M’n liefje wat wil je nog meer. Het bracht menigeen in de jaloerse Randstad op het idee om tijdens de hittegolf van de afgelopen twee weken het dekbed voor ’s nachts van zolder te halen en in de achtertuin onder de perenboom en tussen de verlepte hortensia’s te leggen.

Kamperen in eigen achtertuin, aangespoord door de vluchtelingen in Ter Apel die van hun leven een openluchttheater maken. De romantiek van een romancier. Was vorige week voor een klein intermezzo met m’n kamerbewoonster Helin in Volendam. Want Volendam, dat moest ze gezien hebben. Nou, ze zág het durp aan het Markermeer. We waren in een smal straatje tussen de autospiegels door op zoek naar een parkeerplek. Helin vertelde over haar vlucht uit het Koerdische gedeelte van Syrië. Het ging over de oorlog en IS. Dus zo belangrijk was het allemaal niet. De misdaden in het extreme, en nog verder daarvandaan, moord en doodslag op de burgerbevolking van Noord-Syrië. In het rond vliegende ledematen van onschuldige burgers, van hele gezinnen. Achter me een auto die maar toeterde en bleef toeteren en lichtsignalen gaf. Dacht waarachtig dat er met de achterkant van mijn Skoda iets loos was. Stapte uit en daar ging het autoraampje open. Een blonde vrouw die aan het stuur brisant explodeerde als een handgranaat en op de bijrijdersstoel een echtgenoot die bij het schelden bijna zijn kunstgebit uitspuwde. Speeksel in draadjes.

Het vereist de herinvoering van het mondkapje. Of ik godver en nog vele keren godver niet wat harder kon rijden, want op de achterbank had hun hond het zo warm. Van het drama Toto had ik toen nog geen weet. Wat ik hier allemaal mee wil zeggen? Helemaal niets. Eigenlijk helemaal niets. In dat straatje in Volendam voltrok zich een tragedie rond een kwijlende hond op de achterbank waarvan zijn baasje en bazin vergeten waren een bak water mee te nemen. Dan halen we maar de schouders op dat bij het kamperen voor de poort van Ter Apel een baby van drie maanden bezweek. En dat een vluchteling dood bleef door een hartstilstand. En dat een andere volwassen vluchteling, die net als Toto suikerziekte had, stierf omdat hij al dagen en dagen geen medicatie van insuline had gehad.

Bestuurlijk falen, grapt Rutte. Want zo’n opmerking kun je uit zijn mond onmogelijk serieus nemen. Bij besturen horen fouten. Welja joh, we ginnegappen gewoon dat we dagelijks falen en ginnegappen door. Dat kan en gebeurt in Nederland. Het hele land is zoetjesaan één grote gedemoraliseerde aanfluiting en de leider van het spul grapt dat er hard gewerkt wordt aan verbetering. Daar had Artsen Zonder Grenzen zo te zien heel veel vertrouwen in. Al tien jaar ziet Rutte bestuurlijk falen niet tevoren aankomen. Het overkomt hem steeds. Met naast zich een groot kind dat Sophie Hermans schijnt te heten. Drie jaar lagere school en nog een pop onder haar arm. Verbetering? Moest voor mijn kamerbewoonster een instantie spreken en kreeg natuurlijk weer te horen dat alle medewerkers in gesprek waren. Alle medewerkers die natuurlijk in Scheveningen op het strand lagen te bakken waren in gesprek. De wachttijd bedroeg meer dan een uur. Onbegonnen werk. Belde daarna een andere organisatie en daar was het al niet veel anders.

De hond van Gordon, volg zijn gezondheidsproblemen via het ANP, heeft er geen last van. De hond op de achterbank van die malle auto in Volendam evenmin. Ze kwijlen zich luxueus en decadent door de crisis heen. Maar de vluchtelingen wel, die hebben wél last van ons structureel bestuurlijk falen. Met honderden, zo niet duizenden, tegelijk. Hoe je hiertegen te wapenen? Zie de foto. Met een door Helin gebakken taart. Met een glas witte wijn en met een sigaret. De fles binnen handbereik. Want hoe zat dat ook alweer bij Rutte tijdens het hoogtepunt van de corona? Hij sloot de bibliotheek maar hield de slijter open. Een tafel met kortom alles dat in theorie slecht is voor een mens. De zon ook, laten we de zon niet vergeten. Maar het is de enige manier om nog ’s avonds naar Het Journaal te kijken.

In Tubbergen liep een stel dorpelingen van om en nabij acht jaar met een bord karton tegen vluchtelingen. Kenden ze dat woord wel? Niet bij hun die vluchtelingen maar ergens anders, het kon ze niet schelen waar. Voor de poort van Ter Apel een baby van drie maanden dood bij een poging van de gevluchte ouders op een menswaardig leven? De kinderen in Tubbergen zullen waarschijnlijk denken: een dode baby van drie maanden brengt de oplossing van ons vraagstuk een stapje dichterbij.  

PS:

Toeval bestaat niet, zeggen ze, en ook: het heeft zo moeten zijn. Voor mijn keukenraam schuifelde al een hele tijd een mevrouw met haar fiets aan de hand. Die zocht natuurlijk iets. Eens vragen. Mevrouw zocht geen adres in het bijzonder maar vroeg zich af bij wie ze zoal zou gaan aanbellen. Hoezo? Ze zocht iemand naar wie de collectebussen toe konden en bij wie ze die later hopelijk goed gevuld en verzegeld weer konden worden opgehaald. Jarenlang was iemand contactpersoon voor die collectebussen geweest maar die was overleden. Dus waar konden die collectebussen voor december met kerst nu naartoe? ‘Niet bij mij, want ik doe niet aan collectes, maar probeert u het daar en daar eens.’ Toch maar even aan mevrouw de vraag om welke organisatie het voor die collectebussen ging. ‘Voor het Leger des Heils. Ai. Even later zaten we binnen aan de koffie met een plattegrond van de wijk en hoe de vijftien lopers in te delen. Nee, kerstavond niet naar het hoofdkwartier in Almere. Dat trek ik niet, dat weet ik nu al.

Het leven is oneerlijk, verzuchtte Diana afgelopen week. Zo voel ik dat ook. Maar toch weer anders dan zij. Diana overleefde de slechtheid op zijn slechtst. Helin ook. Ze slaagden erin de hel te ontvluchten. Bezichtigde afgelopen zaterdag in Leeuwarden de Jacobijnerkerk ofwel De Grote Kerk. Kon het niet laten daar de gastvrouw te wijzen op het meten met twee maten. Waarom alleen voor Oekraïners een kaarsje opsteken bij de Nederlands Hervormde Kerk in Leeuwarden? Stof voor een volgend blog.

‘Voor mij waren de bergen mijn beste vriend.’ Op de gedenkwaardige 15e augustus een brief aan de voormalige burgemeester van Kabul

Hallo Sangin.

Geniet, en nog eens: geniet Sangin! Met volle teugen, zeggen we dan. Dank voor je vriendelijke mail vanuit Duitsland. Geniet in Freiburg van de zon en van het zwemmen met je vrienden. Doe de lieve groeten aan tante Nasima. Jullie Afghaanse familie, jullie Afghanen, jullie zijn me zo dierbaar geworden. Ik voel me erin opgenomen. En dat weet je. Ja, het gaat redelijk goed met me. Met goeie en mindere dagen. Wat zeer positief meespeelt dat is dat ik voor gezelligheid in huis, en om betekenis aan mijn leven te kunnen blijven geven, een Koerdisch-Syrische vluchtelinge, een studente van me, Helin, op kamers heb genomen. Ik beschouw het nog steeds als een goed besluit. Graag kom ik weer met Diana naar Baarn. Uiteraard. Laat ons zeker contact houden. Ik was vorige week voor enkele dagen in de Belgische badplaats De Panne. Ik herlas er op het strand DUIZEND SCHITTERENDE ZONNEN van die fantastische, in jouw Kabul geboren, schrijver Khaled Hosseini. Nu lukte het mij wél het boek, een fenomenaal epos, uit te lezen, maar niet zonder tranen. Oh nee, zeker niet nee. Ik moest deze bestseller ook herhaaldelijk even wegleggen. Het Koerdisch-Syrische meisje Helin dat mijn zolderverdieping sinds deze maand huurt had zo’n onvergetelijk indrukwekkende zin om de oorlog onder woorden te brengen waaraan ze vier jaar geleden via Libanon wist te ontsnappen. We zaten in de tuin bij een glas ijskoud water onder de parasol te praten toen ze zei: ‘VOOR MIJ WAREN DE BERGEN MIJN BESTE VRIEND.’

De bergen, de bergen ja, ze boden bescherming tegen al het onrecht en alle gevaren in de meest extreme wrede boosaardige vorm. Ze ging dagelijks met doodsverachting naar school, met gevaar voor eigen leven. Ze probeerde er in de oorlog zo onaantrekkelijk mogelijk uit te zien om aan gedwongen prostitutie te kunnen blijven ontsnappen. En dan ben je een meisje van veertien. De bergen, jouw gedachten zullen bij dat woord ongetwijfeld afdwalen naar Pammier in je geboorteland Afghanistan. Diana vertelde erover op 15 augustus drie jaar geleden waar bijgaande foto van is. Ze had het over de geuren en kleuren van haar jeugd in Afghanistan. De tuin en haar ouders. En toen de barbaarse verwoesting van alles. De rechteloosheid. En dan zeg ik maar weer eens: Wat zijn we toch ongelofelijk rijk in Nederland. En wat kunnen wij ons verschrikkelijk druk maken om trivialiteiten en meer dan dat. Wat kunnen intrinsiek verwende mensen ontsporen! Een avondklok tijdens de lock-down met Covid in ons eigen gezondheidsbelang. We sloopten Rotterdam. Die onverantwoordelijke boerenprotesten van fanatici. Dat egoïsme. Diana heeft onder de taliban met twee kleine kindertjes twee jaar lang in een kelder gezeten waar ze niet uit kon omdat er geen man was om met haar naar buiten te gaan. Diana in een boerka, de schat, ik kan het me niet voorstellen en ik begin spontaan te huilen als ik er een voorstelling van probeer te maken. Ik kan het beeld niet op mijn netvlies krijgen. Misschien ook maar beter van niet.

Ach, jou hoef ik niets te vertellen als voormalig burgemeester van Kabul. Wat is er van je stad over. De mudjahedin, de taliban, IS, Al Qaida en noem ze maar op – gespuis is het, tuig van de richel, en dat is nog vriendelijk uitgedrukt. Eén pot nat. Het zijn beesten. Vrouwen zijn nog minder waard dan een straathond. Godsdienst kan het slechtste in een mens naar boven brengen. Dat doet het ook vaak. Het kan gemakkelijk tot waanzin leiden. Ik stond vorige week de uitwerpselen van de Belgische meeuwen van mijn auto te poetsen. Kwam er een buurvrouw op de fiets langs. Vroeg ik naar haar vakantie van vijf weken Zuid-Europa. Ze raakte twintig minuten lang niet uitgesproken. Ik dacht, nou ben ik benieuwd wanneer ze vraagt hoe het nou met mij is. Welnee. Ze was uitgepraat over zichzelf en haar vakantie en liet weten dat ze er maar weer eens vandoor moest. Ik keek haar na en kneep maar extra hard in mijn spons met zeepsop. Eendimensionaal, dacht ik. Het tekent de Nederlandse oppervlakkigheid van nu, denk ik wel eens. Oogkleppen. Egoïsme, egocentrische houding. Hedonisme ook. Telefoon, kromme vinger, acute behoeftebevrediging. Dat is ons straatbeeld geworden. Altijd ergens anders willen zijn dan waar je fysiek werkelijk bent. Ziek. Of is het om je op straat tegenwoordig een houding te kunnen geven?

Enfin, Diana is eindelijk naar Hamburg, naar haar biologische moeder. Ze heeft nog steeds veel verdriet van de dood van die andere moeder van haar, de vrouw die gaandeweg als haar Nederlandse moeder ging voelen, ze mist mijn lieve Ellen nog steeds dagelijks. Wat zij hier in ons huis en daarbuiten heeft gepresteerd is formidabel, dat is hogeschoolwerk. Ze is een weekje weg en ik ben komende zaterdag blij als de week om is. Ook dat heeft met missen te maken. De boeken van Hosseini impregneren mijn ziel. Wat een intens verdrietig verhaal over het leven van Mariam bij die proleet van een Rasheed in Duizend Schitterende Zonnen. Mariam die haar leven geeft voor het leven van haar concurrente Laila en dat moet bekopen met een executie door de zieke taliban in een vol stadion met al even geestelijk gestoorden op de tribunes. Ik wil het complete oeuvre van Hosseini lezen en aan mijn privébibliotheek toevoegen. Zijn boeken reken ik tot de beste uit mijn omvangrijke verzameling.

We zijn gek hier in Nederland dat we de vluchtelingen uit Oekraïne zoveel privileges geven omdat ze uit de eigen regio komen. Hoezo eigen regio? Ik houd niet van die privileges. De onderbuik. We hebben ons laten leiden door de onderbuik. Een mens is een mens, zonder onderscheid. Afghanen en Koerdische Syriërs behoren net zo goed tot mijn leefwereld als Oekraïners die geen inburgeringsplicht hebben. Hoezo eigenlijk niet? Kreeg officieel te horen dat veel Oekraïense vluchtelingen voor mij als taaldocent onbereikbaar zijn omdat ze, als ze al de Nederlandse taal willen leren, en velen willen dat niet, onbereikbaar blijven omdat ze deze zomermaanden met vakantie naar Kiev zijn, of anders naar Malaga in Spanje. Ik zal je de verdere informatie besparen, het is knotsgek, maar hoe erg ook wat zich in Oekraïne voltrekt, want het is natuurlijk verschrikkelijk, ik haat het Nederlandse vluchtelingenbeleid van met twee maten meten. En ik kan het beeld niet van me afzetten van dat vliegtuig vorig jaar op de luchthaven van Kabul waaraan de hyperventilerende bevolking zich vastklampte om uit de handen van de gewetenloze taliban te blijven en zich in veiligheid te brengen. Ter Apel en de wereld die bezig is te vergaan. Biden heeft met Afghanistan voor mij afgedaan en tussen hem en mij komt het nooit meer goed.

Waardeloze kerel. Anders dan Trump maar geen spat beter. Biden en de rest van de westerse wereld hebben vooral de vrouwen en meisjes van Afghanistan onbeschrijfelijk veel leed bezorgd. Ook de Nederlandse regering moet zich schamen. Rutte, Kaag, die waardeloze Ank van het CDA bij Defensie toentertijd, het hele stel kreupelhout. We hadden ons nooit uit Afghanistan mogen terugtrekken ook al is het probleem daar schier onoplosbaar. Mee eens? Ik begin nu opnieuw aan DE VLIEGERAAR van Khaled Hosseini, ook een boek dat niet weg te denken valt uit de bestsellerlijsten. Terecht. Hosseini is een vakman. Hij ontroert en laat me huiveren. ‘Voor mij waren de bergen mijn grootste vriend.’ Mijn buurvrouw Annemieke had het Helin van de andere kant van de schutting horen zeggen en kwam ’s avonds naar d’r toe met de woorden: ‘Helin, ik kreeg kippenvel toen ik je over de bergen van Noord-Syrië hoorde praten en de bescherming die ze jou als jong meisje boden.’

Vanaf het balkon hier, beste Sangin, wappert vandaag weer de Nederlandse vlag. We herdenken vandaag, zoals elk jaar op 15 augustus, het einde van de Tweede Wereldoorlog in Azië. In de Pacific. In de Gordel van Smaragd. Aanstaande zondag ga ik met een bevriende oud-collega van Ellen, met Wil, naar de jaarlijkse herdenking op Bronbeek bij Arnhem van de slachtoffers van de jappenkampen op Java voor vrouwen en kinderen. Voor het eerst ga ik er naartoe zonder zelfs maar Ellen thuis in bed of in de rolstoel. Voor de eerste keer sinds haar dood. Alhoewel, ze is thuis, haar as is thuis, en met die as is Ellen thuis. Ellen is voor mij niet dood. Ik draag haar met me mee, overal waar ik ben. We herdenken deze week meer dan de Nederlandse slachtoffers die er in voormalig Nederlands-Indië gevallen zijn. We denken ook aan de mensen die alle ontberingen en gevaren overleefden. Zoals Ellen die zich achter bamboe en prikkeldraad bevond van 0 tot 6 jaar oud. Ratten at ze om iets in haar maagje te hebben. Het ontroert me telkenmale als ik hieraan denk. Ik kan ook momenteel nauwelijks zonder emotie over Ellen praten, niet eigenlijk.

Jarenlang ben ik bang geweest dat Ellen me zou overleven. Wie zou er dan voor haar gaan zorgen, was mijn angst. Diana nam die angst weg. Ik wist, mocht mij iets overkomen, dan zou er altijd nog Diana voor Ellen zijn, en blijven. Diana zou geen meter van Ellen wijken. Ook zij heeft het, als gezegd, zwaar met het verlies van Ellen. Ik gun haar prachtige dagen in Hamburg. Met haar moeder, met Maria & Dirk. We denken deze week ook aan alle ándere windstreken waar onschuldige burgers door oorlogsgeweld zinloos om het leven kwamen . Ik weet van Diana al zes jaar wat oorlog met een mens kan doen. Eigenlijk wist ik het al van Ellen. Ik zie het nu ook dagelijks bij Helin, 22 nog maar. Vier jaar veilig in Nederland nog maar pas. De oorlog zit in haar, die heeft zijn sporen nagelaten. Ik verbaas me over haar veerkracht. Maar ik zie haar kwetsbaarheid. Een neefje van haar vluchtte net vier jaar oud alleen van Syrië naar Nederland. Het gaat je voorstellingsvermogen te boven. Daarvoor de vlag vanaf mijn balkon. En een wandeling straks met Helin langs een stukje Loosdrechtse Plassen. Voor haar waren de bergen in haar tienerjaren haar beste vriend. Nu hopelijk onze vrijheid, nu is die hopelijk haar beste vriend, de vrijheid waarvoor de Nederlandse vlag thans vanaf mijn balkon wappert. Allereerst voor die ene onvergetelijk vrouw, mijn echtgenote, mijn soulmate, mijn minnares. Mijn Ellen die mij dagelijks blijft ontroeren.

****  

Wat een aangrijpend blog Johan. Heel mooi geschreven en ontroerend ! Hoe laat moet ik zondag bij je zijn om ter nagedachtenis aan Ellen naar de Indië-herdenking op Bronbeek te gaan? Lieve groet Wil.

Lieve Johan!! Even niets van ons gehoord, hoe gaat het met je? Je vroeg wanneer je een dagje kon komen, geef maar aan wanneer je dat fijn vindt, dan trekken wij onze agenda’s. De Indië-herdenking, 15 augustus. De datum zit vast in mijn geheugen. Mooi blog. We hopen snel van je te horen, pas goed op jezelf! Lieve groet, John en Wietske.  💕💕

Ha Johan. Ik en mijn familie hier in Hamburg hebben je blog gelezen. Prachtig. Ik bel je. Ja, wat mis ik Ellen. Ik ben nog elke dag in mijn hoofd met haar bezig. Die foto van Ellen en mij bij deze blog, ik herinner me die zondagmiddag achterin de tuin nog heel goed. Herinneringen Johan, herinneringen. Liefs van Diana.

Good old Johan. Bijzondere week zoals je schrijft. Inderdaad, speciale week van gedenken en herdenken. Sterkte, heel veel sterkte. Deze altijd weer bijzondere week zal wel het nodige met je doen. Het is er niet van gekomen om vóór mijn vakantie nog even langs te komen, ik doe dat zodra ik terug ben uit Frankrijk. Neem ik een lekker flesje voor je mee. Beste groet, Albert.

Dag Johan. Mooie blog weer. Dankjewel. Fijn voor Diana dat ze haar moeder weer eens kan zien. Ik ben benieuwd wat Helin van de Loosdrechtse Plassen vond. Volgende week kom ik graag weer op de koffie. We spreken dat nog af. Groet! Jan van den Heuvel.

Tropisch in Nederland. Vroeg uit de veren en laat naar bed. Het Kloosterpark in De Meern en de Vecht tussen Maarssen en Breukelen. Van het leven maken wat ervan nog te maken is. Verdere uitleg nu overbodig. Dit is wel even anders dan Ter Apel en onze asielopvang daar. De grote verschillen in de wereld beginnen een steeds groter pijnpunt te worden. En wij in Nederland maar vinden dat we overal recht op hebben. Als beschaafd land laten we medemensen buiten in de stromende regen slapen. België al evenzo. En daar sta je dan te midden van de westerse rijkdom aan de Vecht.

Anders ja, anders dan méestal anders – Ellen weer terug bij ons thuis

Het was anders. Anders dan méestal anders. Zó zei hij dat. En hij zei: Het was eigen, zo fantastisch eigen. Persoonlijk. Dat moest het ook worden, en dat werd het dan ook. Woonkamer en tuin vormden in alles het decor waartegen de uitvaart van Ellen mei 2022 onder zonnige omstandigheden plaatsvond. Het crematorium kwam er nauwelijks aan te pas, de aula al helemaal niet. Te beladen. Te zwaarmoedig, ongeacht de aankleding. Moderne kunst op strakke witte muren maken een aula tot niet minder dan een aula. En zei hij ook: tot het allerlaatste moment de gehele afscheidsceremonie thuis in de eigen omgeving begint heel langzaam, heel geleidelijk aan, maar toch duidelijk zichtbaar, in Nederland een nieuwe trend te worden. Hij merkte het in zijn werk. We zaten in de tuin onder het zonnescherm. Juli ging met een warmdroge bries over in augustus. Even eerder had hij Ellen weer thuisgebracht, zoals hij zei, ja die woorden gebruikte hij. Hij bracht Ellen weer bij me thuis. De as van Ellen in een trommel, laat ik dat maar zó zeggen, een trommel. Die woog zwaarder dan ik vooraf vermoedde. En ook kon vermoeden. Ik kuste de trommel en wist er aanvankelijk verder niet zoveel raad mee. Waar moest ik ‘m neerzetten? Was dit wat er van een mens overbleef? Het was onwezenlijk, surrealistisch. Hoe ging je met zoiets om? Tamelijk onbeholpen ging ik er mee om. Wellicht wel ja. Onhandig. Was dit een geluksmoment? Moest ik dat zó zien? Eigenlijk wist ik het niet. Het mocht niet te pijnlijk worden, geen kerk met traporgeltje, dat mocht het niet worden, en dat werd het ook niet. Nee gelukkig niet nee. Door hem, door de uitvaartleider die de trommel op de salontafel zette alsof dat de normaalste zaak van de wereld was. Hoe ga je met zulke dingen om? Ik wist het niet, en ik weet het eigenlijk nog steeds niet. Hij had een formulier bij zich dat ik moest tekenen, voor ontvangst, maar die handtekening kwam later wel. Ik ben hier niet goed in. Dat weet ik nu wel. We zaten even later onder het zonnescherm in de tuin, hij aan een glas kraanwater, ik aan een glaasje rosé, een restant van de vorige namiddag met Diana en haar oom en tante uit Baarn. De uitvaartleider bewonderde de tuin en genoot van de bloemenpracht. Van de kleurschakeringen ook. En van de vlinders. En van de diepte tot aan de zwaar verouderde en inwendig verpulverde conifeer die er over enkele weken aan moet geloven. De uitvaartleider wist wat het is de liefde van je leven te verliezen. Was hem zelf ook overkomen, twee jaar geleden nog maar. Echtgenote leed aan kanker. Het ging niet echt slecht. Er was hoop. Maar er kwam corona bij en die corona deed haar de das om. In het ziekenhuis schakelden ze moedeloos en met hangende schouders de machine uit. Het duurde nog enkele minuten toen overleed zijn vrouw. Jong nog. Van sterfprofessional naar amateur in de eigen privéomstandigheden. Hij ziet nu zijn vrouw terug in zijn drie dochters. Bewonderenswaardig hoe hij zijn leven op de rails hield. Na twee weken stapte hij weer de arena van begrafenissen en crematies in. Bewonderenswaardige man überhaupt. Zo anders dan mensen, en die ken ik ook, die in het verlies van een dierbare blijven hangen en het bijkans cultiveren. Bij hen lijkt op elk denkbaar toekomstperspectief een taboe te rusten. Ze asfalteren de rest van hun bestaan. Zwelgen, zei hij, zwelgen ja, hij wilde ervan weg blijven.

En zo wil ik het zelf ook. Daarom nu ook de bovenverdieping verhuurd. Voor reuring, voor de gezelligheid. Voor licht in huis. Licht en een stem. Potjes en pannetjes die van hun plek komen, omdat ze het uit zichzelf niet doen. Niet om de centen, die kunnen me geen lor schelen. Ik had kunnen verhuizen. Ik overwoog het, al snel na de dood van Ellen. Weg van hier. Maar nee. Dit is mijn huis. Hier ligt een groot deel van mijn geschiedenis, mijn geschiedenis met Ellen. Ik wilde naar Limburg, maar besloot hier te blijven toen er heel onverwachts met Vaderdag een zó ongelofelijk betekenisvol persoon met gebak voor de deur stond. En, die eenmaal weg, later nog één. Hun boodschap was duidelijk. Blijf waar je bent, blijf er met je herinneringen aan Ellen. Het huis is groot genoeg om iemand van de grote zolderkamer te laten genieten. Zeker met die kamernood ook onder studenten. Van boven de geluiden van een hoorcollege geneeskunde via de pc. De huurster hield Ellen nog in haar armen op het laatst. Het geeft een band. Ze liet me aarzelend de film Sisters in Arms zien over IS en hun slachtoffers, jonge Koerdische vrouwen en meisjes in het noorden van Syrië en Irak. Mujahedin, Taliban, IS – beestachtig. Religieus doorgedraaid beestachtig. De beelden van Sisters in Arms zijn te gruwelijk om te vertellen. Elk spoortje menselijkheid is zoek bij die verdorven gasten met baarden. Helin, een verloren jeugd. Moest aan onze avondklok met Covid denken. Onze intrinsieke maatschappelijke recalcitrantie en ontevredenheid. Ons misbruik van het democratische demonstratierecht. Over-verwende en gepamperde samenleving. Het affiche van het huidige Nederland. Tegenover mij een man die weet wat het is zijn vrouw aan corona te verliezen.

Anders, het is het trefwoord in deze blog. De uitvaart van Ellen had hij van heel dichtbij meegemaakt, de baas van uitvaartorganisatie Barbara, en hij had het met al zijn jarenlange ervaring als uitvaartleider als anders dan anders ervaren. Helemaal uniek was het nou ook weer niet, maar het kwam nog maar zelden zo voor. Nog wel. Maar hij zag een kentering. Zo was het. Hij zag een verschuiving. Het was voorsorteren op gemoedelijkheid, met het glas in de hand. Een staande receptie en daarna de tuin in naar de zitjes voor een kop pindasoep, wat stokbrood en spekkoek. Anders. Anders was het al meteen op zondag 1 mei toen hij kennis kwam maken voor de wensen ten aanzien van de crematie. ‘Er valt aan mij voor u niet veel te verdienen,’ moeten mijn eerste woorden aan de uitvaartleider zijn geweest. Hij haalde het moment terug onder het zonnescherm in de tuin. Zo’n begroeting viel hem zelden of nooit ten deel. Zelf kon ik het me niet zo goed meer herinneren. De eerste weken na de dood van Ellen leefde ik in een roes. Nog steeds wel een beetje trouwens. Nog altijd zoek ik in de kamer naar het bed waar Ellen op lag. Kom beneden en herken mijn eigen huiskamer soms niet eens. Het boek met offertes, of hoe je het ook moet noemen, of wilt noemen, kon gesloten blijven. En bleef ook op een enkel momentje na dicht. Hij merkte op dat hij in zijn werk steeds meer te maken kreeg met nabestaanden die van een uitvaart vooral iets heel intiems en specifieks wilden maken. Een bijrol voor het crematorium dat het overgrote merendeel van de bezoekers van de uitvaart niet eens te zien kreeg. Laat staan de aula. Ja, daar vielen voor hem verdiensten weg, maar hij haalde er zijn schouders over op. Er stonden huiselijke indrukken tegenover die hem niet snel meer loslieten. Het weer leende zich er in het geval van Ellen natuurlijk geweldig voor, het afscheid vooral ook in de tuin te laten plaatsvinden. Een tuin als een park die bezig was tot wasdom te komen. Het verse groen. Het nieuwe leven. Drie toespraken in een kring rond de baar. Vooraf de mededeling dat de gezichten beslist niet in de plooi hoefden te blijven.

Een glimlach, en liefst meer dan dat, hoorde bij hoe wij Ellen ons moesten blijven herinneren. Na de toespraken de gelegenheid om met een viltstift op het deksel van de kist een laatste boodschap aan Ellen te richten. Mooi in alles, dat was ze. Onvergetelijk. Gaaf. Het zorgteam dat de kist naar buiten droeg, en met slechts Diana en (ex) schoondochter Geeta de laatste onverbiddelijke gang naar het crematorium in Bilthoven. Daar pas de aanvechting een paar sigaretten tegelijk aan te steken. De achterblijvers van buiten voor de deur terug naar de tuin. Tot in de tuin muziek van Wibi die in alles Ellen in beeld hield. De piano. Het was eigenlijk een reünie en dat bleef het tot vroeg in de avond. Het klopte. Achteraf reacties van: zo ga ik het ook regelen, zo ga ik het ook voor mezelf vastleggen. Tevoren meerdere ideeën over hoe of wat als we Ellen uitgeleide zouden moeten doen. Want dat moment zou eenmaal komen met die rot ziekte parkinson. Maar in de thuissituatie tartte Ellen alle prognoses. Ze genoot zorg die haar raakte, tot in al haar vezels. Daarom ook het zorgteam met bovendien (ex) schoondochter om de kist naar de rouwwagen te dragen. Te rollen, beter gezegd. Over het pad met kinderhoofdjes van de voortuin. En ook maar één volgauto, de Fabia vanwaaruit de afgelopen jaren zoveel tekst kwam voor de boeken over ons omgaan met parkinson en lewy body. Als die Fabia eens kon vertellen. Nou die Fabia ging vertellen met altijd pen en papier op het dashboard. Die Fabia was een bron van anekdotes. ‘Waar is Ellen?’, vraagt de Koerdisch-Syrische huurster van mijn bovenverdieping? ‘Ellen is daar, bij de tv.’ Onder het zonnescherm leert de directeur van Barbara mij om te gaan met de gebeurtenissen ná de crematie. De as. De urn. Nu nog een trommel. De asverstrooiing. Ik vertel hem van De Panne. Van hotel Cajou. Van het strand en van Ellen die tot heel lang er ’s zomers bleef komen. Met een vol album aan foto’s. Met Diana, in alles (met mij en Elly niet te vergeten) haar steun en toeverlaat. Dat had hij al begrepen, de uitvaartleider, in de week dat Ellen thuis opgebaard lag. Veel draaide om die ene Afghaanse vrouw, zo westers nu, zo Nederlands nu, maar ondanks alles zo Afghaans. Op zondag 21 augustus traditiegetrouw naar Bronbeek voor de herdenking van de kampen op Java voor vrouwen en kinderen in de Tweede Wereldoorlog. De Jap. De Bersiap. En toen nog die handtekening. Het ontvangstbewijs. De uitvaartleider reikt me een pen aan. Bijzondere pen, voor een bijzondere vrouw, bedenk ik plots, een bijzondere vrouw die vreselijk goed zorgde voor mijn maatje Ellen. Ze leverde hogeschoolwerk af met de mooist denkbare toewijding. Degene die me nu het meest na staat. Als gememoreerd bij het afscheid van de onmisbare Ellen. Ik teken voor ontvangst. Ik ben hier niet goed in. Maar wie wel?

Twee dagen na het bezoek van de uitvaartleider met Helin naar de plek waar ik in geen jaren meer naartoe was geweest. Komt dat door de as? De dood was inderdaad nog niet zó dichtbij als met de as en Ellen die weer thuis werd gebracht. Met Helin naar buitenplaats/landgoed Slangevegt tussen Maarssen en Breukelen. Ze weet niet wat ze meemaakt. ‘Is dit ook Utrecht?’ Boten kijken aan het water in de volle zon op een luxe terras van vlonders. De rustgevende Vecht. De statige villa met tuin, een pleisterplaats om van te dromen, afficheert zich graag, en terecht, met een toost op het leven. Hoe toepasselijk. Woensdag weer naar Slangevegt maar dan met die andere zo betekenisvolle vrouw, de nummer 1. Slangevegt. Terug naar waar Ellen en ik op 18 december 35 jaar geleden ons huwelijksdiner hadden. Vijf jaar woonden we toen al samen. Wat vliegt de tijd. Het klinkt zo cliché, maar toch. Het woord vergankelijk zou niet moeten bestaan.

***

Buitenplaats Slangevegt op zaterdagmiddag 30 juli 2022. Helin vertellen over Ellen en onze jaren samen. Zij fotograferen. Zij kennismaken met het oer-Hollandse product bitterbal. ‘Ja Helin, inburgering. Ik ben bezig met je inburgering. Je bent pas officieel ingeburgerd in Nederland als je weet wat een bitterbal is. En binnenkort het hoofdstuk mosselen. Dat neemt Wil voor haar rekening.’

De Vecht. Alles in het teken van misschien wel de mooiste rivier van Nederland. Enig chauvinisme zal aan deze opmerking niet vreemd zijn. De Vecht is rustgevend. Ook hier wil ik met Ellen naar terug, niet alleen naar De Panne. Ook hier naartoe.

In dierbare herinnering. Hier was het ja waar we ons trouwdiner hadden en samen, Ellen en ik, nog diverse keren terugkwamen. Vaderdag hield me in deze omgeving. Door Diana, door daarna Helin. Vanwege ook al die anderen. Of je nu Diana neemt, of Helin, of ongeacht welk persoon uit hun omgeving, hun familie, ze willen vrede en veiligheid, ze talen niet naar geld, naar materialisme. Ze willen niet voortdurend over hun schouder moeten kijken en zich bedreigd weten. Ze willen geen vernederingen meer. Ze willen respect, een eerlijke plek onder de zon. Sisters in Arms zei genoeg. Een eerlijke plek onder de zon. Ik pak er Duizend Schitterende Zonnen van Khaled Hosseini bij.

****

Dank weer Johan voor een nieuw blog. Blijf schrijven. Vóór mijn vakantie kom ik bij je langs. Albert.

**** Bericht van de uitvaartleider van Barbara dat hij deze blog graag opneemt in het volgende nummer van zijn kwartaalblad. ****

Bij het afscheid van Ellen. Terug naar De Panne

De avond valt stilaan over De Panne. Het is al laat en het is er warm. Nog steeds. Het koelt iets af, maar ook niet veel. Tropische nacht op komst. Op kamer 310 vergeten de overgordijnen goed dicht te houden. Een sauna. De kusttram vanuit Knokke naar zijn eindbestemming op enkele kilometers van de grens met Frankrijk. Je ziet met enige fantasie een schim van Duinkerken aan de overkant. Na het overlijden van Ellen voor de derde keer in de Belgische badplaats met al zijn herinneringen. Die zijn er om te koesteren. En dat worden ze ook. Rechts in de Nieuwpoortstraat het vertrouwde hotel Cajou. Waar we met Ellen onze vaste kamer hadden. En Diana aan de andere kant van de gang die van haar, een paar deuren verderop. In De Panne zal langs de vloedlijn aan zee de as van Ellen worden verstrooid. Met Diana, wie anders, natuurlijk zij, bedenker van de plek voor de as verstrooiing, en met nog enkele anderen. Een paar maar. Op de vingers van één hand te tellen. De intimiteit. De tram en zijn symboliek. De eindhalte. De tram beeldt veel uit, zo niet alles. Binnenkort arriveert de as van Ellen in De Panne waar ze ondanks haar boosaardige parkinson en lewy body meerdere verwennerij vakanties hield en ook tweemaal, spontaan toegezongen, haar verjaardag vierde. Het kende zijn beperkingen, maar toch. Aan beperkingen kun je je aanpassen. Je leert het met een beetje goeie wil vanzelf. Een gekanteld bestaan, rafelrandjes, liever: kartelrandjes, maar we haalden er het optimale uit het leven met een dubbele ziekte. Zie hieronder de terugblik. Betoverend panorama. Een greep slechts uit de vele zorgvuldig bewaarde foto’s. Ze zijn met oude blogs weer op het netvlies te plaatsen. Speels gemak. Zelf nu wederom in De Panne. Diana vannacht voor de tweede keer oma geworden, en de Koerdisch-Syrische studente Helin die op mijn huis past en er in de woonkamer en in de tuin, veeleer een park, blokt voor haar laatste tentamen van dit lopend universiteitsjaar. Ze zit er in een speciaal project geneeskunde voor vluchtelingen. We noteren zondag 17 juli 2022. Warm? Bloedheet is het er. In De Panne dus. En overal elders in Europa. We gaan vandaag aan zee in België flierefluitend de dertig graden grens over. En anders morgen en overmorgen wel. Vooruitzichten van bijna veertig. Lag al om half negen ’s morgens als eerste op mijn bedje bij de kalmerende golven. Boek mee van Georges Simenon. De Teddybeer. Een grandioos goeie psychologische roman uit een opnieuw uitgebrachte serie bestsellers. Van ver het vrome zondagse binnenlokken geluid van de kerkklokken. Meeuwen om mij heen, meer niet. Slechts meeuwen. Krijsende meeuwen in een opgewonden duikvlucht naar wat zwerfvuil. Later een over de boulevard geüniformeerd paraderend muziekkorps op oefening. Een generale, wordt er gefluisterd. Zelfs het ongeoefend oor registreerde wat valse tonen. Maar alla. De oude hippie Jerôme beleeft in zijn fletse oranje zijden overhemd glansrijke dagen met zijn strandstoelen en parasols. Ze vliegen weg. In zijn houten hutje heeft Jerôme foto’s hangen van zijn schoolvriendinnetje en hemzelf. Ze zijn alweer zestig jaar getrouwd. Mevrouw Jerôme komt altijd na het middaguur naar het strand. Een strand vanaf het middaguur vol gebronsde huiden. ’s Avonds na het eten voor de deur van Cajou nagenieten bij een kop koffie. En Ellen in het hoofd. In het hart, in mijn hele wezen. Het gemis blijft, ondanks alles. Het gemis een plekje geven? Het is prietpraat. Een fotocollage van De Panne, Cajou, het strand, de zaterdagmarkt en wat al niet meer. Memories. De locatie waar we Ellen naar terugbrengen. Onderweg naar de kust deze keer een tussenstop in Lochristi bij Gent en Lokeren. Lochristi? Altijd al eens daar een kijkje willen nemen vanwege de indrukwekkende naam. Lochristi, zo on-Nederlands, on-Belgisch ook. Zo reli. Lochristi was inderdaad prachtig, maar zal in de herinnering altijd verbonden blijven met het wokrestaurant aan de Antwerpse Steenweg. Zelden zo’n grote verzameling obesitas bij mekaar gezien. Het botste en het klotste. Dat we niet met z’n alles door de vloer zijn gezakt! De vrouw tegenover mij, hoe oud zal ze geweest zijn?, 35 misschien?, ouder zeker niet!, de vrouw tegenover mij had van al het wokken en de ettelijke fabrieken aan cola zo’n omvangrijk achterwerk overgehouden dat ze slechts met één bil op haar stoel paste. Haar bilnaad rustte in de stoelrand en de tweede bil lebberde en lilde er overheen. Fascinerend gezicht. Smakelijk uitzicht. Haar borsten hingen al eerder op de avond in de soep. Het verontrustte niemand. En daar waggelde ze uitgehongerd door de zaal voor andermaal een nieuw opgewekt bord aan lichaamsonderhoud. Een maagverkleining? Te laat alreeds. En waarom ook eigenlijk? Hobbelpaard, dat kennen we, maar hier betrof het meer een manege waggelpaarden. Kinderen met hoofden en buiken als door een rijwielhandelaar bewerkt met een fietspomp. Kinderen van nog geen tien. In gedachten zag ik enkele gasten met een hijskraan van hun lege bord naar een weer vol geparachuteerd (of getackeld) worden. Obesitas, o obesitas. De cola was gratis. Dus hoorde ik een ander tafeltje vlakbij kraaien: ‘Breng ons maar meteen zes blikjes per persoon, kunnen we blijven zitten.’ Lochristi, het wokrestaurant, met een gemiddeld gewicht van de gasten van zo’n 130 kilo. Gemiddeld, want sommigen versleepten wel 150 kilo en meer lillend naar een volgend bord waarop ze hun rijst en spiesjes als een bouwpakket opstapelden. Van wokken naar Cajou in De Panne, een compleet andere wereld. Van wokken met dikkerds naar De Panne met ‘He ain’t heavy, he’s my brother’ uit 1969 van de Hollies, en geschreven door Bobby Scott en Bob Russell. Vochtige ogen van ontroering. Een wereldhit en een intens terugverlangen bij Jabbeke en De Haan naar die vrouw die nog geen drie maanden geleden overleed.

Vakantie in De Panne. Zon, tropische temperaturen, een bijkans dampende zee, een naar het kookpunt gedreven strand, hotel Cajou, en heimwee. Heimwee naar die ene vrouw die mijn leven glans gaf. Flaneren over de boulevard en kuieren door de Dumontwijk met zijn stulpjes in de duinen. En het grote gemis. De leegte. Maar niet met de bedoeling dit hier uit te venten. Hier worden de voorbereidingen getroffen voor een nieuw, en zeker niet laatste, eerbetoon aan de vrouw die mij deed beseffen wat belangrijk is in het leven, en wat maar slechts half, en wat helemaal niet. Goed advies van Diana in de meest zuidelijke badplaats van België de as van Ellen naartoe te brengen. Daar zal die verstrooid worden. Na afloop een mooi diner in Cajou waarvoor Bruno en Chris hun allerbeste personeelsleden in stelling moeten brengen. Zijzelf, en gerant Ivan natuurlijk, o zeer beslist de joyeuze Ivan uit Luik, en Manu van de bediening, en ’s morgens Bianca en Nancy voor het ontbijt. Ellen voelde zich rijk in De Panne, ze was er ook rijk met zoveel zorg om haar heen. Ze besefte het. Zelfs een rolstoel werd door Cajou geregeld in het naburige Veurne. Scheelde ons bagage in de Skoda Fabia. En om ook maar even toe te geven: voor de tweede keer een belofte aan mezelf gebroken. Beter: een afspraak met mezelf de nek omgedraaid. Namelijk te stoppen met schrijven. Kan het schrijven toch niet laten. Schrijven is blijven. Schrijven is een bron van inspiratie. Zoeken naar de juiste woorden, slijpen aan zinnen. Het vinden van bruggetjes. Het houdt de geest in werking. Het is een belangrijk onderdeel van mijn bestaan. De dag bij achttien graden ‘nog slechts’, achttien graden en de eerste zonnestralen beginnen met een wijd openstaande balkondeur en het schilderen met een penseel van woorden op het doek.

Zie die jongeman eens belangstellend kijken. Ja kerel, jouw tijd komt nog. De kus. Net klaar met het ontbijt. Op naar het strand. En weer een zomer in De Panne, konden we de klok maar terugzetten. Maar hoe velen zeggen me dit niet na. Een van de meest dierbare foto’s aller tijden.
Dineren in het restaurant van hotel Cajou. We noteren 2018. Kijk haar ogen eens helder staan. De verjaardag van Ellen, haar 76ste. Veel spanning vooraf altijd sinds de diagnose parkinson. En LB niet te vergeten. Zou Ellen de avond aankunnen? Zou het allemaal niet te vermoeiend zijn? Maar geheel in de geest van het boek dat ter gelegenheid van haar 76ste verjaardag in De Panne uitkwam: Een wonderbaarlijk ziekteproces. De boeken over Ellen lagen onder meer in de boekhandel in de belangrijkste winkelstraat van De Panne. Boekhandel De Standaard aan de Zeelaan, loodrecht op het strand. Ook hier bij De Standaard werd laatst weer eens naar haar gevraagd.
De heilige plek. De plek voor andermaal het afscheid. Het strand. Samen nog even ’s avonds op het strand van De Panne. Diana met het fototoestel klaar voor weer zo’n onvergetelijk beeld.

Met haar gouvernante Diana naar de zaterdagmarkt in De Panne. Ook zo’n vast ritueel. Er viel zoveel te genieten en dat deden we dan ook. Van de glooiende duinwijk ook vol architectuur met Brits aandoende cottages en villa’s ontworpen door vader en zoon Dumont vlak na 1900.

In een beeld kun je duizend woorden, en meer, vangen. Met de reddingsbrigade in een rolstoel op rupsbanden voor een halfuurtje tot bijna in zee bij een temperatuur als te vergelijken met 17 juli 2022. Tropisch. Dromerige omstandigheden. Even de zilte zee. Zo anders dan wegkwijnen in een verpleeghuis met vakantiekrachten van een uitzendbureau die van toeten noch blazen weten. We hebben die treurnis meegemaakt. Het verpleeghuis waar zelfs ook uitdrogingsverschijnselen zich voordeden. ‘We dachten dat onze bewoners geen dorst hadden, o konden ze niet bij hun glas?’

De zilte zee met twee strandliefhebbers. De zee en het strand, ze blijven in de herinnering met Ellen verbonden.

Gelakte nagels. Okergele stola. Waardigheid. Presentatie. Zorg die je raakt.

****

Dag Johan! Wat een mooie indruk in je blog over de tijd die jullie in liefde in De Panne hebben meegemaakt. Herinneringen. Koester ze, maar dat hoef ik jou niet te zeggen. Ik kom een dezer dagen weer op de koffie, mits het gelegen komt. Laat maar weten wanneer het uitkomt. Groet! Jan van den Heuvel.

Diavoorstelling van het afscheid van Ellen, in dierbare en dankbare herinnering aan een stijlvolle prachtvrouw

De liefde die ik de afgelopen jaren voelde in dit huis.

Toespraak Loroy Scheffer tijdens de afscheidsceremonie van Ellen.

Geachte aanwezigen, lieve Johan en Ellen.

Ik heb de eer om iets te mogen zeggen vandaag. De eer om iets te delen in de liefde die ik de afgelopen jaren gevoeld heb in dit huis. Zoveel gesprekken die ik heb gevoerd met Johan over Ellen en eigenlijk ook zoveel momenten van communicatie mét Ellen. Toen ik eens richting de deur liep na een behandeling hoorde ik nog gauw “Dankjewel schat” voordat ik mijn weg naar buiten vervolgde. Johan en ik kregen een grote glimlach op ons gezicht.

In de periode dat Ellen met onze hulp nog kon staan, oefende ik dat wekelijks met haar. Zo “dansten” wij ons een weg door de kamer. Dat bleef overigens beperkt tot de meters om het bed, maar voor ons gevoel vlogen we door de ruimte. Dit zorgde dan weer voor een glimlach bij Ellen.

Ondanks de onvermijdelijke achteruitgang de laatste jaren bleven er toch momenten van communicatie terug komen tijdens onze ontmoetingen. Ook in de laatste maanden liet Ellen duidelijk weten als ik haar net iets teveel in een ongebruikelijke houding wilde ontspannen. Een corrigerende blik was dan meestal voldoende.

Het zorgteam rondom Ellen was zorgvuldig geselecteerd en samengesteld door Johan. Strak geregisseerd. Ieder met zijn of haar eigen specifieke kwaliteiten. Ieder ook met zijn of haar eigen beweegredenen om betrokken te zijn bij Ellen. Het goede wat in mensen naar boven komt wanneer er zorg wordt gegeven, gaat vaak hand in hand met het goede dat de persoon die zorg krijgt zélf gegeven heeft. Het is dan een vorm van liefde die gegeven wordt.

Deze woorden heb ik eerder gebruikt, maar betere kon ik niet bedenken. Ik ken Ellen helaas niet persoonlijk van de periode voor haar ziekte. Ik ken haar dus vooral door de verhalen van jou, Johan, en door de zorg die jij voor haar gedragen hebt.

De passie die jou altijd gedreven heeft, Johan, en de liefde die je daarbij hebt laten zien, vind ik weergaloos. ‘Mijn muze’ noem je haar zo mooi. Ik denk altijd dat de liefde in mijn leven pas dán is geslaagd wanneer ik op dezelfde manier liefde voor iemand zal voelen zoals jij, Johan, dat voor Ellen voelt. Dat die liefde zich ook uit in het geven van zorg, dat is misschien niet iets wat je gewenst hebt, maar het is nog steeds liefde.

En Ellen, wanneer iemand blijkbaar zoveel liefde verdient dan heb je dat ook altijd zo gegeven. Jullie levens zullen altijd met elkaar verbonden blijven… Ellen, je bent overal, behalve hier, en dat doet pijn.

Een gedicht van Rupi Kaur (De eerste ochtenden zonder jou):

Ik leef voor dat eerste moment in de ochtend

Wanneer ik nog half aan het slapen ben

Dan hoor ik de vogels buiten fluiten

Aan het flirten met de bloemen

En ik hoor de bloemen giechelen

En de bijen zijn jaloers

Wanneer ik omdraai om jou wakker te maken

Start het allemaal weer opnieuw

Het snakken

De tranen

De schok

Van het realiseren

Dat je weg bent

De rauwe rouw is veranderd is zachte rouw, maar rouw blijft het.

Lieve mensen:

Mede namens Diana en Geeta dank ik jullie allerhartelijkst voor de grandeur waaraan jullie zo wezenlijk bijdroegen rond en tijdens het afscheid van mijn geliefde Ellen die ik het liefst zou terugroepen uit de hemel. Kon dat maar, ja kon dat ook maar, nog één dikke knuffel. Nog eentje maar. Maar helaas. Het afscheid was in platina. Het goud voorbij. Als ik er enkelen voor hun bijdrage even mag uitlichten dan is dat mijn vroegere geluidstechnicus bij mediatrainingen Jan van den Heuvel (foto’s en muziek) en zijn dat Elly en Ber en mijn Koerdisch-Syrische studente Helin (catering). Maar de dank betreft uiteraard eenieder. Van Diana tot noem maar op. We zijn bedolven onder de bloemen, kaarten, mails, brieven, telefoontjes, enzovoorts. Het aantal loopt naar de tachtig. Het voelt fijn. Als balsem. Het is geweldig. Nu onze draai (weer) vinden in een voor ons met de dood van Ellen veranderde wereld. Het wordt een hele toer, een ommezwaai. Langzaam maar zeker sluit ik de blogs af. Vandaag zijn de laatste vijf geplaatst op www.johancarbo.nl –  Het gaat om een fotocollage van afgelopen zaterdag + tekst. De allerlaatste blog, met de video van de afscheidsceremonie, staat intussen zoals jullie kunnen zien ook op de website. Dank mijn oud-studente bij de Hogeschool voor Journalistiek en wandelmaatje Annelies voor haar assistentie daarbij. Maar al te vaak gaat de wereld met heel zijn patronen van de digitaliteit me boven de pet. Ik liep afgelopen week in Valkenburg, mijn tweede thuis, keek even voorbij de viskraam bij die vorig jaar zo weerbarstige doch nu weer braaf kabbelende Geul naar de strakblauwe lucht en zocht Ellen. Ik tuurde, ik zocht de horizon af. Maar als gezegd: helaas. De vrouw die mij leerde wat belangrijk is in het leven. Ik hield haar zaterdagavond 30 april nog één keer in mijn armen. Nog één allerlaatste kus. Haar adem stierf weg. Mooi in alles, dat was ze. Ik mis haar, ik mis haar vreselijk, maar dat behoeft verder geen betoog. Hemelvaartsdag – niet toevallig gekozen – planten we twee vlinderstruiken bij Geeta, haar man Peter en hun zoon Kasper in hun tuin in Leusden ter nagedachtenis aan Ellen. Het gaat een fantastisch eerbetoon worden.

Met dankbare groet, Johan.

****

In 2014 begon ik te schrijven aan mijn boeken en mijn blogs nadat ik van heimwee gedesillusioneerd vervroegd was teruggekeerd uit Fuengirola bij Malaga voor een korte vakantie. Tussen de overdreven zwaar getatoeëerde Britten (generatiegenoten van me) voelde ik me nog hopelozer dan hopeloos. De plakplaatjes leefden van happy hour naar happy hour. Coronation Street aan de Spaanse zuidkust. Het werkte op mijn benen. Kon niet meer lopen. Ik bevond me in het voorportaal van een depressie, een burn-out, of wat het ook wezen mocht. Het had wellicht een naam, maar wat deed dat ertoe. Vervroegd terug uit Spanje. Al in het vliegtuig terug ontspanden de beenspieren zich. Lichaam en geest. Je loopt over van de verhalen, schrijf ze op, adviseerde de dokter. De boeken brachten me in het lezingencircuit over het omgaan met parkinson en Lewy Body. Het schrijven bood troost. Steeds weer in de zeer vroege ochtenduren aan het bureau. De balkondeur open. Soms ’s zomers al om vier uur in de morgen. Bij het krieken zogezegd. Het koffiezetapparaat werd nauwelijks nachtrust gegund. Ik dank onze trouwe aanhang aan lezers en lezeressen voor hun belangstelling, hun reacties en wat al niet meer. Maar nu stoppen. Ik hoop dat mijn laatste woorden in mijn toespraak bij het afscheid van Ellen ooit nog eens bewaarheid worden. Ik moet zonder haar verder. Het zal heel moeilijk worden, maar ik doe mijn best. Ik moet de stilte leren verdragen. Binnenkort ga ik Oekraïense kinderen namens de gemeente Utrecht lesgeven in de Nederlandse taal. Ik word geen kluizenaar lieve Ellen! Ik ga niet alleen Oekraïense kinderen helpen maar ook Afghaanse vluchtelingen bijstaan. De dubbele moraal ten aanzien van de vluchtelingen haat ik. Die is abject. Ik schaam me ervoor. Een mens is een mens. Een mens uit Afrika, Afghanistan of Syrië is evengoed een mens als iemand uit de eigen regio. De wereld is mijn regio. Diana, Helin, tante Nasima, Manal, Jacinta – zij en nog heel veel anderen hebben me geleerd verder te kijken dan naar Europa! De grenzen van Europa voorbij! Ik word hotelhovenier en receptionist in het Valkenburgse hotel. Een invulling aan mijn nieuwe leven. Helaas zonder jou, mij o zo dierbare Ellen. Wat mis ik je. Ellen, je was mijn alles. De kurk waarop mijn bestaan dreef. Maar dat wist je al veertig jaar. Jij blijft mijn alles. Jou komt nu rust toe. Eigenlijk won je van dat heerschap Parkinson. Je bleef hem ruim twaalf jaar op punten de baas. Het was rauwe rouw in de strijd tegen de parkinson. Geen rauwe rouw meer, het is nu anders. Ik heb er nog geen naam voor. De rouw van nu is zacht in het besef dat we van een verschrikkelijk zware tijd ook een bijzondere tijd wisten te maken.

In gedachten voortdurend bij je, lieve El, godin van me. Pijn bleef je bespaard. Nu de zorg voor jou is weggevallen is de leegte tastbaar.

****

Hoi Johan, 
Zo mooi, jouw prachtige woorden van dank aan eenieder die jou een beetje troost hebben kunnen bieden en er fysiek en non-fysiek voor je waren (en hopelijk nog zijn). Zie het als een cadeautje dat je moet koesteren. Zelden heeft het woord empathie meer betekenis als in meevoelen met jouw intense verdriet. En dat deden en doen velen…
Mooi dat we binnenkort kunnen bijpraten. Houd je goed Johan, Parool Sport en ondergetekende denken aan je… Ik mail je nog, misschien terrasje ergens in juni?
Warme groet,
Annet
.

****

Bij het afscheid van Ellen. De zwarte Skoda Fabia vanwege zijn verleden de enige volgwagen op de laatste tocht

Beste Johan,

Wat heb jij van Ellen gehouden, wat houd je van haar, en wat zul je van haar blijven houden. Je zult ontzettend verdrietig zijn, maar jouw grote liefde voor haar, en Ellens liefde voor jou, zullen je beslist ook weer optillen als je dreigt in een diep dal te vallen. Dat je er heel goed aan hebt gedaan Ellen weer voorgoed naar huis te halen, dat hoef ik je niet te zeggen. Jullie hebben elkaar levens gevuld. In voorspoed is dat niet zo bijzonder, maar die tegenspoed, die zijn jullie sámen te lijf gegaan. En hoe! Ik heb Ellen leren kennen als een bijzonder mens. Johan, ik hoop dat je je nu niet alleen voelt als je met de mensen praat die met jou samen voor Ellen hebben gezorgd, het sterrenteam en alle anderen. Natuurlijk zul je haar vreselijk missen en jezelf in een ander leven moeten herpakken. Jou kennende zul je daar tijd voor nemen en je je altijd geschraagd weten door alles wat jullie samen actief doorstaan hebben. Ik wens je sterkte bij moeilijke momenten en ik wens je een mooi terugzien op jullie lang en gelukkig samenzijn. Ellen en haar Jopie. Jopie en zijn El – zo herinner ik me jouw koosnaam voor haar. Het afscheid van Ellen zal je ervan doordringen hoe bijzonder haar leven geweest is, ook in tegenspoed.

Sterkte en heel hartelijk gegroet, Marc en Jeannette.

****

Lieve Johan,

Heel veel sterkte de komende periode. Jullie waren een mooi stel samen. Mijn bewondering voor jou en de liefdevolle verzorging van Ellen, je kracht en vasthoudende vechtlust voor Ellen zodat er niets ontbrak aan haar verzorging.

Heel veel liefs, Dorothy Gresnigt.

****

Beste Johan,

Je hebt zó goed en ook zó lang in verschillende fases voor jouw Ellen gezorgd, nu is het laatste ook voorbij. We wensen je sterkte in het verdriet en gemis. We denken aan je.

Een meelevende groet van ons, Heije en Niske Wubs.

(Ons familiehuis in Mussel staat altijd voor je open).

****

Hallo Johan!

Het was indrukwekkend, de bijeenkomst in je huis en in je tuin. Voorafgaande aan de tocht naar het crematorium. Je hield je sterk. Als bij een vorige -meestal feestelijke- bijeenkomst. In Valkenburg had je mooi weer. Met zon, die hier de afgelopen dagen ontbrak. Je zal zeker tranen hebben laten vloeien. Dat hoort erbij: de vrije loop (nee, geen vier wijd) laten. Dat is ook een vorm van bij Ellen zijn.

Ik sprak onder anderen met Jan, de fotograaf. Wat een leuke en fijne vent! En met Helin. Prima Nederlands, lieve meid.

Een aantal dagen voor de crematie van Ellen herinnerde ik me dat jij ooit aan mij had gevraagd of ik Carry miste na haar overlijden. Zoeken door je boeken. Je vroeg dat op 26 augustus 2016. Bij de Plashoeve in Vinkeveen. Op die dag kende ik Carry precies 50 jaar. Dat ‘missen’ (wat ik uiteraard deed en nog doe) kwam er maar zwakjes uit. Het wordt (althans bij mij) anders en … toch blijvend. Het troost soms bij een dip. Brengt een traan of een lach.

Binnenkort weer afspreken, graag. En … hou je taai!

Groet,

Jan

PS. Ik weet niet of Hans Walraven ook onderstaande mail heeft ontvangen. Hij is in ieder geval benieuwd naar de video. Wordt dat een link op je website?

****

Hallo Johan,

Een mooi en liefdevol afscheid. Onvergetelijk. Wat zul je je getroost en gesteund gevoeld hebben met zoveel lieve mensen om je heen. 

Mijn dochter zei achteraf: ‘Ik hoop ooit een man te vinden die net zoveel van mij houd als Johan van zijn Ellen…’

En daar is alles eigenlijk mee gezegd. En nu gaat het leven verder…. zonder Ellen. Wellicht voel je rust, maar ook een intens gemis…… en dat zal altijd blijven…..ik wens je hier alle kracht bij, het zal niet makkelijk zijn.

Lief dat je langs wil komen, ik kijk daar erg naar uit, verheug me daar op. Wil je al op korte termijn? Ik ben volgend weekend vrij en de week daarna vanaf donderdag 26 mei zit ik ook ruim in mijn tijd. Of is dat te vroeg en wil je liever in juni?

Lieve groet, Yvonne, dochter van honkballer Roley Wout.

****

Beste Johan,


Wat vliegen de dagen alweer voorbij! Ik zag de foto’s en heb je blogs gelezen. Wat een mooie en respectvolle nieuwe reis mocht Ellen maken.
Vanmiddag in Utrecht heb ik even een eigen momentje gepakt en in gedachten was ik ook even bij jullie.


De stilte zal voor jou wennen zijn, maar zoals we in Limburg zeggen : kump goot jonk!


Hartelijke groet!


Madeleine, POH De Meent.

****


Bij het afscheid van Ellen. Dankjewel lieve schoonmama voor je liefde en dat je me accepteerde en omarmde. (Geeta)

Hoi Johan,

Hoewel ik Ellen, jouw Ellen, jouw lieve Ellen, nooit heb gekend, werd mij al eerder via onze Parool-groepsapp duidelijk hoe zeer jullie samen één waren, zielsveel van elkaar hielden en dat wordt uit je trieste berichtgeving zoals die via Henk tot ons kwam, onderstreept.
De impact van jouw warme woorden hebben mij op mijn 68ste nog eens aan het denken gezet. Ik hou ook zielsveel van mijn Inge.
Maar zoals jij je – na al die Paroolloze jaren – intiem hebt geuit aan ons, aan mij, in deze laatste fase van jullie samen, heeft mij geraakt, diep ontroerd. De leeftijdscategorie van onze appgroep maakt het vanzelfsprekend dat we over de dood en het scheiden van onze meest dierbaren nadenken. En van velen hebben we al afscheid genomen. Maar jij hebt mij nog dieper aan het denken gezet. Ik geniet in details nog intenser van Inge en mij. Daar wil ik je temidden van je immense verdriet voor bedanken, het uiten, je melden!
Heel veel sterkte, maar het fundament van liefde zal je die kracht geven🤝


Tot de volgende reünie, hoop ik.

Beste groet, Harry ten Asbroek.
****
Hi Johan,

Via de Parool-app lees ik dat jouw grote liefde Ellen is overleden. Henk citeerde je met onder meer de woorden ‘liefde, loslaten, innige kus’.

Ik wens je een mooi afscheid van Ellen met jullie geliefden. Wat een klus heb je geklaard als mantelzorger, je mag nu even uitrusten, zodat je de liefde die jullie tijdens haar gezonde leven hebben beleefd weer opnieuw kunt insluiten. Die liefde, weet ik uit ervaring, gaat een nieuwe vorm aannemen omdat-ie simpelweg nooit verdwijnt. Hooguit sterker wordt, een schrale troost. Maar toch.

Take care, Tim Overdiek.
****
Beste Johan,

Diepe deelneming met je droefheid. 
Wat zal dat moeilijk voor je zijn! 
Ik hoop van harte dat je kracht zal vinden om 
dit zware verlies te verwerken.
Laat me t.z.t. nog eens weten hoe het gaat. 
En misschien kunnen we elkaar nog wel eens zien. 
Veel herinneringen samen aan Het Parool.
We wonen denk ik niet zo ver van elkaar. 
Ik woon met mijn vrouw Martha al vele jaren in 
Maarssen-dorp.
Heel veel sterkte!

Gerrit Overdijkink.

****

Lieve Johan.

Ik denk aan je.  Als je even een paar uurtjes 
wilt komen ben je meer dan welkom hier, je weet het. 
Maar alleen als je het aandurft.

Moni.

****

Ha Johan,

Ik vertrek aan het einde van de middag weer voor een paar dagen naar het hotel, Thom en Yvonne zijn er een paar dagen niet. Ik blijf tot donderdagavond.

Lieve Johan, laat de zon je verwarmen, lieve groet, Moni.

****

Lieve Johan,

 Gecondoleerd met het grote verlies van je lieve Ellen. Wat zal het een groot gemis zijn en een leegte geven.

Het zal wel een mooie herinnering geven, dat Ellen rustig, in jouw armen, is overleden. Tot het eind toe samen!

 Wensen je heel veel sterkte en kracht.

 Lieve groeten,

 Ad & Cinta.

****

Lieve Johan,

Met diep verdrietig en veel dikke tranen een omhelzing voor Ellen en jou. Hoewel,  wou ik in het echt doen. Ik wil heel even iets voor jou schrijven in deze moeilijke tijd. Alsjeblieft voel je niet moe, of verdrietig van deze moeilijke proces. Ik weet dat het makkelijk gezegd dan gedaan. Mensen om je heen ondersteunen je, en nu doe ik ook. Ik probeer nu positieve beelden te beschrijven, want dat is mijn visie daarop. Laat eens het einde van deze proses jouw volliefde aan dierbare Ellen niet stoppen, of afnemen. Deze momenten zouden dierbaar voor jou kunnen zijn, en tegelijkertijd met veel onzekerheid en angst. Maar beëindig deze roman niet met verdrietigheid. Ja, het is een roman en niet zomaar een gewone roman. In tegendeel met veel trots. Het is deel van jullie leven geweest. Je hebt afgelopen jaren alleen maar de gezondheid van Ellen verloren. Vergeet maar ook niet dat je dit samen met Ellen ermee omgegaan hebben, en dat was het belangrijkste. Je hebt niet meteen Ellen verloren. Waarschijnlijk was de afgelopen tien jaar voor jullie niet vanzelfsprekend, maar besef voortdurend dat jullie 32 jaren met elkaar geluk hebben gehad. Hadden jullie veel gedaan met elkaar en veel mooie momenten samen hebben gebracht. Het leven bestaat uit momenten. Ik probeer een beetje realistisch te blijven. Ik realiseer me dat deze momenten heel moeilijk kunnen zijn. Let op jezelf, vergeet maar even dit niet. Ellen zou ook blij zijn en veel trots op jou mag kunnen zijn. Vooral na die fantastische zorg. Veel respect! Je hebt een goede en waarde leven met haar geleid, en juist tot deze moeilijke momenten. Jij bent verstandiger dan ik ben maar ik begrijp eveneens wat het verlies is. Jouw liefde vind ik ontzettend puur en waardevol. Ik weet dat je al begrijpt wat ik bedoel maar, ik wilde in het kort aan jou iets schrijven. Life is a novel and we are the writers. Je zult nu moeten wennen. Je hebt hiervoor tijd nodig om te verwerken. Deze tijden zijn voor jou ook waardig en dierbaar. Blijf sterk. Het leven is inderdaad hard maar het is ook heel mooi als we met de omstandigheden ermee kunnen omgaan, want dat is het belangrijkste. En het is jou gelukt . Ik houd contact.

Ik houd van jullie. Liefs. Helin.

****

Dag lieve Johan,
Vanochtend heeft ons het bericht bereikt dat Ellen is overleden. Wij wensen jou heel erg veel sterkte in deze moeilijke tijd en onze gedachten zijn bij jou.

Image.jpeg

Liefs vanuit je vertrouwde hotel in Valkenburg,
Thom en Yvonne.

****

Johan,

Wat een triest bericht. Ik kan me nauwelijks voorstellen hoe jij je moet voelen. Liefde is inderdaad het mooiste woord wat er is. Met liefde afscheid nemen is dan ook de enige optie. Ik kom zaterdag langs om daar aan bij te dragen.

 Ik denk aan jullie.

 Leroy.

****

Ha Johan,

Vanochtend kreeg ik hier op Bali via Jan van Ewijk te horen dat jouw allerliefste Ellen is overleden. Man, wat ben ik daar van geschrokken. Dat kwam echt aan. Gecondoleerd met dit zeer grote verlies. En heel veel sterkte met de verwerking van het overlijden van jouw liefste, waarmee je heel veel lief, maar helaas ook veel leed , hebt gedeeld. Wat heeft zij een geweldige liefdevolle zorg ontvangen van jou en het verzorgingsteam. Koester alle liefdevolle herinneringen Johan.  Dat zullen er vele zijn geweest. Laat die de leegte in je hart vullen. Wat je in je hart bewaart raak je nooit meer kwijt. Veel steun, troost en sterkte toegewenst in deze moeilijke tijd vriend. 

Rini en Hans Walraven.

****

Lieve Johan,
Tot tranen geroerd. Hoe is het mogelijk dat jij woorden kunt geven aan alle emoties.
Ik blijf je voor eeuwig dankbaar dat je mij hebt gebeld. Wij blijven bij je Johan.
Ik hoop dat je een beetje kunt slapen. Weet dat Ellen en jij geen moment uit mijn gedachten zijn. En dat als je ook maar iets nodig hebt, je mij dag en nacht kunt bellen.
Liefste groet en wil je een kus aan Ellen geven van mij?
Geeta.


****

Johan, 

Gecondoleerd met het verlies van je Ellen. 
Je zegt het zelf met zoveel betere woorden dan 
ik kan bedenken….
De liefde van je leven moeten loslaten moet 
verscheurend zijn. 
Maar waar beter dan in je armen zou het “adieu” 
kunnen worden gestameld ? 
Ik wens je de kracht en sterkte toe die nodig is. 
Koester de mooie herinneringen die er veel zullen
zijn door de tranen heen! 

Cees van Nieuwenhuizen.

**** 
Allereerst gecondoleerd, lieve Johan.
Wat omschrijf je dat mooi, 
hoe Ellen is overleden en hoe je dat ervaart. 
Ze zal toch bij jou en Diana een enorme leegte 
achterlaten en ik wens jullie heel veel sterkte 
en liefde toe om dit te verwerken. Onthoud dat ik 
altijd klaar sta om je daar bij te helpen en te steunen. 
Ellen was mij ook dierbaar en ik denk aan haar met 
de vele mooie momenten die ik met haar meegemaakt heb. 
Die blijf ik koesteren. Lieve groet, Wil.
****
Wat triest, Johan. Gecondoleerd! 
Uit je laatste mails kon ik al opmaken dat wat ooit 
zou gebeuren toch al nabij was. 
Toch, het grijpt mij aan dat -hoe onvermijdelijk ook- 
zo’n liefde eindigt. Liefde bij leven dan. 
Maar, Johan, de liefde kan (nee, zal!) blijven voortduren. 
Als ik het woord ‘fijn’ mag gebruiken: 
fijn dat haar (jullie) afscheid op deze vredige manier is verlopen. 
Een ‘mooie avond’ schrijf je. 
Ik begrijp wat je -met al je verdriet- bedoelt. 
Huilen helpt! Groet, Jan van Ewijk.

PS.  Je had het erover dat je pen bijna leeg is. Of woorden van die strekking. Volgens mij kwam Ellen in (vrijwel) al jouw blogs voor. Je maakte altijd een koppeling naar haar. Je bent zeker in staat (en, voor jou als  schrijver is dat een therapie bij uitstek!) om nog een mooi en vooral treffend blog over Ellen te schrijven. Tot bij het afscheid van haar. J.v.E.

****

Beste Johan,

Mijn oprechte deelneming bij het overlijden van jouw grote liefde Ellen. Hoe groot dit verlies ook is, wees trots op de waardigheid en liefde die jij haar in de laatste jaren van haar leven hebt gegeven.

Je hebt met jouw onvoorwaardelijke zorg, aandacht en trouw haar de rust gegund die ze in haar eindfase verdiende en ook nodig had.

Diep, diep respect goede Johan voor de wijze waarop jij duidelijk hebt gemaakt hoe ‘samen zijn tot de dood ons scheidt’ eruit moet zien.

Ik hoop dat de liefdevolle en indrukwekkende wijze waarop jullie afscheid hebben genomen ook jou rust kan bieden.

De herinnering aan haar zal voor altijd bij je zijn.

Mede namens Corrie wens ik je erg veel sterkte bij het verwerken van dit immense verlies.

Groet,  je Parool- Sport collega destijds, Poul Annema.
****
Beste Johan,

Via Jan van den Heuvel bereikte mij zondagmorgen het bericht dat je geliefde Ellen is overleden. Niet onverwacht, maar toch nog snel, zo begrijp ik van Jan. Ik hoop dat je uit de vele goede herinneringen de kracht put om zonder haar verder te gaan. Ik hoop je snel bij onze collega op de Hogeschool, Jan in Tilburg weer te ontmoeten.

Sterkte!

Hartelijke groet, Huub Evers.

****
Lieve Johan,

Intens verdrietig lezen wij je bericht, onze gedachten zijn bij jou , Geeta,  Diana en alle andere vrienden die allemaal zoveel van Ellen en van jou houden. Het zal een grote troost voor je zijn dat je nog zoveel jaren langer  thuis van Ellen hebt mogen genieten, samen met hulp van Diana en alle andere verzorgenden.  Ik denk dat iedereen diepbedroefd is maar ook dankbaar dat verder lijden Ellen bespaard is gebleven. 

Lieve Johan, “Sterven is  verhuizen van de buitenwereld  naar het hart van de mensen die van je  houden. “
 

We denken aan je  en  houden van je. ❤️💙    Rust in vrede lieve onvergetelijke Ellen 🙏🙏. 

 John en Wietske.

****
Beste meneer Carbo,

Woorden schieten te kort voor dit vreselijke verlies. Ik zou willen dat het anders was. Ik leef met u mee en wens u alle sterkte en kracht voor de komende periode.

Hierbij bevestig ik mijn aanwezigheid bij de afscheidsceremonie.

Liefs, Manal.

****
Dag Johan,

Van Henk van der Sluis kreeg ik het trieste nieuws van het overlijden van Ellen. Wat je dan zoal zegt of schrijft, het is altijd overbodig. Misschien dat ons medeleven iets van je verdriet kan verzachten.

Bert en Wilma van der Does.
****
Beste Johan, Diana en alle mensen die Ellen liefhad,

Allereerst gecondoleerd met het verlies van jullie dierbare Ellen. Of misschien hoeven we juist niet van een verlies spreken, maar van een aanwinst ! Ellen zit in een ieders hart en zal ook steeds meer harten voor zich winnen. Wat heeft zij , samen met jullie, gestreden. 
In de korte maar toch intensieve tijd dat ik jullie heb leren kennen, stond de liefde en zorg voor Ellen op de eerste plaats . Groot respect voor jullie ! 
Liefde is inderdaad loslaten wanneer dat kan, en moet, want alleen dan kan elke traan ook zorgen voor een glimlach van een herinnering . 

Warme groet met een glimlach, Madeleine.
****
Beste Johan,

Gecondoleerd met het verlies van Ellen. Ik wens jou heel veel sterkte en kracht toe.
Je fotograaf op de krant van heel vroeger, George Verberne.
****
Beste Johan,
Gecondoleerd met het overlijden van Ellen. We zijn er stil van.
Ook wel weer heel bijzonder, want gisteren heb ik het nog over jullie gehad. Dat jij en Ellen met Oudjaarsdag overnachtten in van der Valk in Houten. Hoe fijn het was om dat voor jullie te kunnen doen. En de middag bij ons thuis met de muziek.
Fijn Johan dat er gelegenheid is om nog afscheid van Ellen te mogen nemen. Norbert, Max en ik komen zaterdagmiddag.
Wens je heel veel sterkte.
Lieve groeten van  Kim, Max, Norbert en Trudy.

****
Lieve Johan,
Ik hoorde het nieuws via Henk v.d. Sluis, dat was schrikken. Je verwacht zoiets en toch…ook weer niet. Hoe bewonderenswaardig een man die met alle liefde die hij in hem heeft zijn vrouw tot het einde verzorgt en zichzelf daarbij grotendeels wegcijfert. Ja ,dat is true love puur sang.
Ik wens jou en je naasten alle sterkte met dit grote verlies. Ik zal aan je denken.
Laat maar weten als je weer eens een terrasje wilt pakken…. Ik heb een luisterend oor…
Lieve groet van je oud-collega,
Annet van der Sloot.

****
Oh nee, lieve Johan. Wat ontzettend verdrietig. Maar wat fijn dat je bij haar kon zijn, middenin jullie prachtige liefde, tot het allerlaatste moment. Ach lieve Johan, wat ben ik geschrokken. Nee, even niet nu wandelen, maar binnenkort weer wel. Ik wens je heel veel kracht en licht. Bel me als ik iets voor je kan doen. Ik voel je pijn Johan.

Sterkte, je oud-studente tot aan Paramaribo toe, Annelies. En liefs.
Tot gauw.
****
Lieve Johan,
Wat verdrietig dat je innig geliefde vrouw Ellen is overleden. Wat mooi dat je aan Henk schreef ‘liefde is ook loslaten als er geen keus meer is’. Wellicht gaat jouw liefde zo ver dat je ook blij voor haar kunt zijn dat ze nu naar het licht is mogen gaan, verlost van de zwaarte van haar lichaam. Wat zul je haar missen en wat zul je tegelijkertijd ook steun ervaren aan alle mooie herinneringen die jullie samen hebben gedeeld. Zeker in haar laatste periode waarin ik vermoed dat jullie intens het leven samen hebben kunnen vieren, ondanks of misschien wel dankzij haar ziekte. Dan kom je wellicht echt tot de essentie waar het in het leven om draait. Ik wens je alle kracht en wijsheid om met dit enorme gemis en de leegte die ze achterlaat om te gaan.
Met warme groet . Lisette Sevens.

****
Hallo dierbare Johan en natuurlijk ook jouw Ellen,

 Ik kwam thuis en vond de kaart op de deurmat en mijn hart sloeg en slag over bij het openen van de enveloppe.

Wat een triest bericht en wat een verlies voor jou en de wereld!!!!!

Een mooi en integer mens is weggegaan naar haar eigen wereld.

Wat een mooie kaart en krachtige goede tekst, dat is jullie wel toevertrouwd.

Ik wens jou, lieve Johan, en je naasten veel sterkte toe met het verlies van je schitterende Ellen. Prachtig koppel waren jullie, ik was er getuige van.

Veel liefs!!!!!

Groet Albert.

****

Hallo Johan, 
Wat een verdrietig nieuws. Gecondoleerd. Ik las, toen ik informatie over jou zocht, dat je in je blogs met zoveel liefde over Ellen sprak. Wat een enorme leegte zal ze achterlaten.  Ik wens je alle kracht toe dit grote verlies te kunnen dragen en in gedachten ben ik bij je, ook al kennen we elkaar (nog) niet.

Je mag me bellen, zo rond 11 uur, ik ben nl op mijn werk en ik weet dat ik dan wel even tijd heb. Mocht je morgen toch geen zin hebben of tijd vinden dan begrijp ik dat vanzelfsprekend. De wereld mag voor jou best even stilstaan.
Liefs, Yvonne.


Lieve Yvonne. Wat een geweldige mail. Ja, ik kan jou veel vertellen over Roley. Ik was zeer op hem gesteld. Heb je wel contact met je moeder, en wie was zij? Ik ga graag eens met jou ergens zitten om je over je vader te vertellen. Maar even geduld. Weet je, afgelopen zaterdagavond overleed de liefde van mijn leven, mijn dierbare, onvergetelijke, onmisbare Ellen. Ze had parkinson. Maar zeker van uit mijn liefde voor Ellen, mijn compassie en zo, praat ik graag met je om jou je vader beter te leren kennen. Oké? Misschien bel ik je morgenochtend wel even. Beste groet, Johan.

Dag Johan,
Toevallig las ik vanavond uw artikel over Roley Wout, mijn vader. Sinds juli vorig jaar hadden Roley en ik contact. Helaas heeft dit maar 6 maanden mogen duren. Ik heb hem in deze korte tijd leren kennen als een lieve, warme, rustige, maar ook oude man. Roley was erg bescheiden over zijn rol in het honkbal en daarom is het zo leuk anderen, waaronder u, met zoveel liefde en bewondering over hem te horen vertellen. Ik heb dit soort verhalen zo nodig om Roley goed te leren kennen. Dus dank voor dit mooie artikel. Het voegt voor mij als zijn dochter waardevolle informatie toe aan het beeld dat ik van Roley heb gekregen in het halve jaar dat we samen mochten delen.
Lieve groet, Yvonne Koiter.
P.S. voelt u de behoefte mij te mailen of bellen, dat mag altijd. Graag zelfs.

****

Beste Johan,

Wat een triest nieuws… Ellen overleden, een buurvrouw die Annemieke en ik vooral kenden als een lieve, passievolle vrouw. Ook Jij bent een man vol passie. Het is die passie waarmee jij Ellen thuis de laatste jaren nog zo’n mooie tijd hebt kunnen geven, samen met zoals je dat zo mooi omschreef op de rouwkaart, het sterrenteam.

Toen wij hoorden van het overlijden van Ellen, kwam als eerste herinnering bij ons op, dat Ellen en jij zich ontfermden over Coen op de dag van de uitvaart van Anke (zus van Kees). Coen had het enorm naar zijn zin gehad bij jullie en Ellen zette die dag natuurlijk al haar onderwijsvaardigheden in, zo werd er onder andere samen getekend. De aandacht van Ellen voor Coen (en ook van jou natuurlijk) was een mooie zonnestraal op deze voor ons verdrietige dag.

Het gemis voor jou zal enorm zijn, oneerlijk ook en toch, wat kunnen jullie terug kijken op een mooi leven samen.

Nu verder…momenten van boosheid, verdriet, frustratie zullen elkaar afwisselen, maar hopelijk ook mooie gedachten aan jouw lieve vrouw Ellen.

We zijn buren, hebben misschien niet “dik” contact, je kan bij ons terecht, al is het maar voor het even ophangen van een mooie foto van Ellen (omdat het boren van gaatjes in de muur nou net niet jouw passie is). En uiteraard houden we tradities in stand, zoals die van de jaarlijkse oliebollen. En ook de praatjes over het voetbal zullen doorgaan.

Sterkte!

Annemieke, Kees en Coen.

****

O lieve Johan,
Wat ben ik geschrokken van je bericht. Het leek wel of ik een voorgevoel had: ik heb vanmorgen gauw nog even je laatste column gelezen om te zien of er wat over Ellen in stond!  Wat heb jij de laatste jaren Ellen nieuw levensgeluk gegeven door haar thuis te halen! Je bent een kanjer en je hebt, ondanks het grote verdriet, pr
achtige herinneringen om op terug te kijken!! 
Dikke kus en veel sterkte Nelly
toegewenst, ik kom naar de uitvaart. 💝🙏💝

****

Beste Mijnheer Carbo.

Beste Johan,

Zonet vernomen dat Ellen is gestorven, onze diepste deelneming met dit grote verlies.  De manier waarop u voor haar zorgde is bewonderingswaardig, een voorbeeld voor velen. 

Onze gedachten zijn bij jullie, de zorgdragers van Ellen. 

Beste Johan, stuur me eens uw telefoonnummer alstublieft.
Met vriendelijke groeten en tot spoedig vanuit hotel Cajou in De Panne, Bruno.


****

Geachte heer Carbo,

Ik hoorde gisteren van Manal dat uw vrouw Ellen is overleden. Gecondoleerd met het verlies van uw vrouw. Het was bewonderingswaardig om te horen met hoeveel liefde u Ellen al die jaren heeft verzorgd.

Ik wens u met uw naasten een mooi en waardig afscheid toe. Veel sterkte de komende tijd.

Hartelijke groet vanuit de apotheek in Vleuten,
Bram.

****

Beste Johan,

Hierbij wil ik je condoleren met het enorme, onherroepelijke en onherstelbare verlies van je lieve Ellen. Bij het korte contact op de reünie hoorde ik over de grote toewijding waarmee je de vrouw van je leven verzorgde. Ik wens je alle mogelijke sterkte in de komende moeilijke periode.

Ik vind het altijd lastig om woorden te vinden maar één ding wil ik zeker kwijt. Ellen en jij hebben laten zien wat liefde is.

 Hartelijke groet,

 Cajo Brendel.

****

Beste Johan, 

Ik ben zeer vereerd dat je me hebt uitgenodigd voor het afscheid van Ellen.

Wat een droevig nieuws dat je lieve vrouw Ellen is overleden. 
Ik heb altijd veel bewondering gehad hoe liefdevol je haar hebt verzorgd.
Daar kan ieder een voorbeeld aan nemen. Liefde is volgens mij het belangrijkste in het leven wat er is. 
Ik heb Ellen altijd een mooie en lieve vrouw gevonden, wat zal je haar gaan missen! 
Ik wens je heel veel sterkte met het verwerken van je verdriet. 

Lieve groet,  Marjon van der Meer.

****

Dag Johan,

Bij de dodenherdenking kwam ik Harry van Dam tegen; twee zonen en een vrouw overleden. Ik zei tegen Harry: humor/ironie is het instrument om je verdriet te doseren. Deze week vertelden vrienden mij dat in hun omgeving zes gevallen van kanker vastgesteld waren. Jouw bericht is ook altijd afschuwelijk. Als enige troost zie ik dat je een bewezen goed mens bent, die in staat was om zijn ik opzij te zetten voor de zorg van zijn geliefde én de tijd had om met elkaar deze periode goed af te sluiten.

Veel sterkte in je verdriet!

Wanneer je weer in staat bent, bel of mail en dan maken we een afspraak.

 Verdrietige groet, 

Bernard Tomlow.

****

De condoleances bleven binnenstromen. Van Marc en Jeannette, van Nanny Koetsier, uit Wedde in Groningen van de ouders van Niels, van nog meer buren om ons heen, van Eugene, Mascha, Polina en Nastya schuin tegenover ons bijvoorbeeld, vanuit verpleeghuis De Ingelanden, van oude bekenden daar zoals Ernst Nordholt bijvoorbeeld, en overal verder vandaan. Bloemen, kaarten, mails en brieven. Het verzacht de pijn om het verlies van Ellen. Waarvoor onmetelijk veel dank. Johan.

En ik keek op een wandeling door Valkenburg naar boven en ik fluisterde: Ellen kom terug, al is het maar voor heel even. De tranen kwamen.